Vishnuh-genootschap

NIET-RELIGIEUS GENOOTSCHAP

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

© Copyright : Vishnuh-Genootschap

Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of open­baar gemaakt mid­dels druk, fotocopy, micro­film, of op welke andere wijze ook, zonder voorafgaande schriftelijke toestem­ming van de rechthebbenden. De Nederlandse en Javaanse verta­ling van de lontarboeken van het Vishnuh-Genootschap zijn vastgelegd bij s'Rijkssuccessie te Leeuwarden in Nederland en gedeponeerd bij het Beneluxbureau voor de warenmerken onder nummer 507115, door de erfopvolger van het Vishnuh-Genootschap, Gurubesar R.R.Purperhart <> Lancar Ida-Bagus.

All rights reserved. No part of this publication may be repro­du­ced, stored in a retrieval system, or transmitted in any form by means, electronic, mechanical, photocopying, recording or otherwise, without the written permission of the publisher.

 

 

 

 

Korte samenvatting van het boek "Halleluja Prijs de Heer"

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

8 JANUARI 1995

 

 

KROPAK SURAT 435

 

LES­BRIEF Nr.435

 

 

 

Zo zegt de leer van Vishnuh:

 

“De waarheid leidt niet tot eeuwig leven, want niets of niemand leeft voor eeuwig, behalve de natuur, maar de waarheid leidt wel tot grote inzicht voor een goed bestaan met alle natuurwezens op planeet aarde.

 

... Zo is ook de ver­standige mens pas wijs wan­neer hij het ongeduld helemaal heeft ver­bannen en wacht tot de tijd om te hande­len aanbreekt, want wanneer de mens zijn ongeduld volledig heeft verban­nen zal zijn wezen staat tot rijpheid komen als de tijd daar is.

 

... Tijd en ruimte zijn onbe­grensd, weet en be­grijp dat daarom de wereld een onmete­lijke leeg­te bezit waarin de beel­den van het leven worden weerkaatst, die door de geest zijn geprojec­teerd. De zoge­naamde heilige schriften zijn gescha­pen op grond van dwalende kennis en vormen het idool van de on­wetende mens. Het is onze eigen geest, die een realiteit maakt van dit irreëel bestaan, en al deze facto­ren staan intern (in de geest) met elkaar in ver­band.

 

... De geest is de gids tot spi­ritu­ele kennis en daarom kan men alleen via deze weg de gees­teskracht sterk vermin­deren of ver­gro­ten.

 

... Probeer te be­grijpen dat deze wereld een voortdurende illusie is, die in stand wordt gehou­den door de geest van de tijd en door de oer­kracht van de onbe­dwingbare natuur. Deze zijn het die de denkbeeldige we­reld­struc­tuur leefmilieu en het leef­klimaat altijd bewust of onbewust hebben onder­steund en be­ïnvloed.

 

... Dit zullen zij ook altijd blij­ven doen als één door de natuur ingegeven plichts­betrachting. Indien men be­grijpt wat plichts­besef is, reali­seert men zich daarbij ook meteen hoe zwaar het eigenlijk is en hoeveel moeite het de mens zal gaan kosten voordat dit "besef" metter­daad en vrijuit tot uitdruk­king wordt gebracht.“

 

 

Dat wil zeggen:

 

… Om plichtsbe­sef daad­werke­lijk vrijuit tot uitdrukking te brengen, zouden zij die wijs zijn van hart en geest de verschijnselen van de wereld moeten onderzoe­ken en de waar­ge­nomen dingen onder­schei­den in wat waar is en wat onwaar is en zich distan­tiëren van het onware, en voorts zich nog alleen maar bij het ware moeten hou­den.

 

 

 

De Openbaring van de Natuur

 

door de Overste van het Vishnuh-Genootschap: Lancar Ida-Bagus

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Zo zegt de leer van “Vishnuh”:

 

“Wij Zijn niet anti-god, want hoe kunnen wij tegen iets zijn wat niet bestaat en buitendien nog nooit heeft bestaan? Maar als er zoiets als een God zou bestaan dan zouden wij ook zeker niet pro zijn, gezien de vele misdaden die hij heeft begaan jegens de mensheid en de levende Natuur.

 

… Wij zijn krijgers en maken ons geen illusies, want wij zijn levende wezens van de baarlijke Natuur en beseffen, dat de Natuur de enige weldadige schepper is van al wat was, van al wat is en van al wat nog komen zal.

 

... Weet en laat weten, niemand is toevallig wijs geworden, want wijsheid komt niet uit het Oosten, Westen, Zuiden of het Noorden, maar wijsheid wordt geboren uit degene die eerlijk is tegen zichzelf en jegens zijn medemens. Een ieder die Vishnuh welgezind is, heeft het vermogen om andere levende wezens welgezind te zijn. Ieder heeft recht van leven, vrije meningsuiting en zelfbehoud”.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

DE RELIGIEUZE MAATSCHAPPIJ

 

Ik heb al geruime tijd de moderne maatschappij gadegeslagen waarin godsdienst ten grondslag ligt aan de door de religieuze meer­derheid gehandhaafde rechtsorde. En hierbij heb ik helaas gecon­sta­teerd dat godsbelijders in navolging van hun voorou­ders en op inspira­tie van hun godsge­loof zich geregeld misdragen ten op­zichte van andersdenkende medemen­sen in het algemeen.

 

... Dan was het toch alweer die Bijbelse Jezus, die verlossing brengt of heeft gebracht voor de gelovigen via een schietgebedje, waarna de gelovige dan ongestraft kan herbeginnen met een schone lei, want de Verlosser heeft zogenaamd de zonde van de schijnvrome mens geheel op zich genomen.

 

 

 

MAAR WIE WAS IN WERKELIJKHEID DE BIJBELSE JEZUS?


"De authentieke persoon genaamd Jezus wiens naam gretig in de Bijbel is vermeld, was afkomstig uit het plaatsje Nazareth, in het Hebreeuws צרת – Natsrat, dat in het Noorden ligt van Israël. Jezus was volgens de authen­tieke Joodse geschiedenis een soort Robin-Hood van zijn tijd, die later onder de Romeinse heerschappij, door de heersende godsdienstklas­se en mede gesterkt door haar zelfbedachte Joodse wetboek van straf­recht als misdadiger werd gestraft wegens godslastering, dief­stal en demagogie.

 

… Demagogie (= volksmen­nerij= het houden van felle redevoeringen of het voeren van pakkende leuzen om het volk voor zich te winnen.)

 

… Deze persoon met de naam Jezus, die een belangerijke rol speelde in de Joodse geschiedenis, stierf mede tengevolge van de verwondingen, die hij tijdens zijn rechtszit­ting en latere veroordeling opliep, hem toege­bracht door aanhan­gers van de hogepriester Kajafas en zijn consorten.”

 

 

Nadat Jezus vreselijk werd toegetakeld en afgerost door de godvruchtige Joodse gemeenschap van destijds werd hij gedwongen om zijn eigen kruis te dragen naar zijn executieplaats

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Dus Jezus van Nazareth, de zoon van de timmerman Jozef en zijn vrouw Maria, is gruwelijk aan zijn einde gekomen door de hand van de gezaghebbende Joodse gemeenschap onder de Romeinse heerschappij van destijds. Jezus werd immers in het openbaar bruut afgetakeld in het aangezicht van de Joodse kerkelijke macht, die vrijelijk opereerde onder de plaatselijke Romeinse machthebber “Pontius Pilatus.”

 

... Jezus van Nazareth werd dus tijdens zijn hechtenis door fanatieke Semi­tische geloofs­belij­ders en in het bijzijn van Joodse magistraten publiekelijk bont en blauw gesla­gen, zwaar mishandeld, herhaaldelijk door omstanders be­spuwd en wreed bekroond in opdracht van het Sanhedrin namens Kajafas de hogepriester van destijds.

 

… Er werd immers een verse doornen kroon op het hoofd van Jezus aange­stampt, waarna hij ten overstaan van zijn rechters werd bespot, geste­nigd en aan alle kanten geschopt. Tenslotte werd hij later gekruisigd aan een houten kruis, dat hij zelf op de dag van zijn dood naar zijn executieplaats heeft gesjouwd. Terwijl hij bloedend aan het kruis hing en te kennen gaf dat hij dorst had, werd hij door een wachtdoende Romeinse soldaat met een in azijn door­drenkte speer zonder erbarmen in zijn buik door­boord waarna de dood spoedig intrad.

 

... En zo stierf Jezus de Nazarener een oneervolle dood, hangend aan het Kruis, de held der paupers, die toentertijd door de Romeinen spottend de "koning der Joden" werd genoemd.

 

 

Zo hing Jezus aan het Kruis nadat hij tot pampus werd geslagen. Arme man die het slachtoffer is geworden van godsdienstonderdrukking door zijn eigen soortgenoten.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De straf­ver­vol­ging die op de bijbelse Jezus van kracht werd, was afge­leid van een artikel uit het Joodse strafrecht van die tijd, dat speci­fiek ervoor be­doeld was om dieven, volksoprui­ers en overig gespuis te be­dwingen. En de toenmalige zwaarste toe­pasbare straf voor ge­pleeg­de ern­sti­ge delic­ten in die tijd, waaronder "godslastering, dief­stal en opruiing", was "krui­siging" tot de dood erop volgt.

 

... Jezus werd toentertijd schuldig bevonden aan alle hiervoor genoemde delicten. Volgens de Joden beledigde Jezus hun God, derhalve werd hij tijdens zijn gevangenschap door de vrome aanhangers van het Sanhedrin vreselijk toegetakeld vooraleer "Hij" ter dood werd gebracht op een vuilnis­belt, genaamd Golgotha (= hebreeuws voor schedelplaats / vuilstort­plaats), alwaar gevangenen toen norma­liter werden ge­ëxecu­teerd.

 

Hoe denkt men anders hoe de uitdrukking Schijnheilig is ontstaan? De Farizeeërs waren voorheen de schijnheilige vromen, die de volksmassa onder hun beleid enerzijds met wrede hand gewetenloos onderdrukten namens hun dierbare God, en anderzijds belazerden zij hun eigen almachtige God zonder blikken of blozen. En dit geschiedde ook allemaal onder invloed van hun fictieve God en zelf geschreven Godgeschriften.

 

... Inmiddels hebben de huidige navolgers van deze Farizeeërs van vroeger in de loop der eeuwen zich gehuld in een nieuw hedendaags jasje (het Vaticaan.) Zodoende hebben de hoofdkerken zich in de loop van de geschiedenis zich wereldwijd gesetteld door zijn volgelingen op te voeden met het farizees religieuze kweekstelsel. Deze werd later voorzien van wetten en regels, en dit alles gaandeweg structureel en met tomeloos geweld in de rest van de wereld verspreid, met een kerkvorst aan het hoofd (Paus) met zijn bisschoppen, priesters en de hele reutemeteut.

 

… Al deze Godaanbidders kunnen heden ten dage allemaal worden beschouwd als de directe volgelingen en afstammelingen van de toenmalige Farizeeërs, die de moord van Jezus op hun geweten hebben.

 

...Met andere woorden, de religieuze ellende gaat onverdroten door, en een schijnheilige is over het algemeen een bisschop onder een lantaarnpaal, want het slaan van een kruis is vergelijkbaar met "kom naar beneden of ik zaag de boom door." … Het is niet anders, hoezeer de gelovige mensheid dit graag heel anders zou willen zien.

 

 

EN WIE GINGEN LAFHARTIG OP DE VLUCHT?

 

De discipe­len van Jezus gingen Lafhartig op de vlucht tijdens zijn arrestatie. Hij werd verraden door een van zijn volgelingen genaamd Judas Iskariot, die in werkelijkheid een geïnfiltreerde spion was van het Sanhedrin. Judas Iskariot gaf "Jezus" onomwonden aan bij de plaatselijke autoriteit en briefde de diefstal door van den jonge ezel waartoe Jezus, eerder op de dag van zijn arrestatie, aan één van zijn andere discipelen de opdracht had gegeven.

 

... Volgens het Bijbelse verhaal had Jezus toestemming gekregen van de eigenaar van het betreffende beest, terwijl hij in werkelijkheid zijn discipel heeft aangezet tot diefstal van andermans bezitting. De eigenaar kon niets tegen de diefstal inbrengen, daar dit hem wellicht zou bezuren. Hij was zich volledig bewust van de positie van de bendeleider "Jezus van Nazareth", die grote populariteit genoot onder de arme bevolking.

 

... Nadat een discipel gehoor gaf aan het verzoek van zijn hoofdman tot diefstal van de ezel, bereed Jezus het gestolen dier en gezamenlijk met een grote schare volgelingen, ontevredenen en afvalligen van de Romeinse, Griekse en Joodse maat­schap­pij van die tijd begaf hij zich op weg naar Jeruza­lem om te gaan protesteren tegen het wrede beleid van hun Joodse overheersers en derhalve ook voor volks­op­ruiing werd gear­res­teerd.

 

... Ten tijde van Jezus de Nazarener waren de Romei­nen de overheersers van Judea, Bethl­ehem, Galile­a, Jeruza­lem enz., maar zij lieten het beheer van de diverse door hen veroverde gebieden vaak over aan collaborerende plaatselijke be­stuurders verenigd in het “Sanhedrin.” Dit waren de Joodse schriftgeleer­den, de farizeeërs waarin de hogepries­ter van de collabore­rende clan grote zeggenschap had (zoals Kajafas die de beslissing van Jezus dood op zich nam.)

 

... Deze collabo­rateurs had­den van hun Romeinse over­heer­ser Pontius Pila­tus, de ver­ant­woorde­lijk­heid gekregen over de plaatse­lij­ke volksgroepen waar zij in deze machtsposi­tie door baatzuchtige en zelfbe­dachte goddelijke inspi­ra­ties, allerlei straf­wet­ten ont­wikkel­den ten­einde de lokale bevol­king onder de duim te houden. Zo werd op dezelfde wijze ook "het geloof" in de "Joodse God" -: zie de Thora: -toentertijd op dwang­matige wijze inge­voerd met behulp van ­daartoe zelf­be­dach­te straf­wet­ten, die vol­gens de makers ervan alle­maal werden geïnspi­reerd door hypotheti­sche hogere machten.

 

... Daar­naast is het onmogelijk en onwaarschijnlijk dat ge­loofs­be­lijders de­zelfde bij­belse Jezus bedoe­len waar zij steeds fantastische en won­der­baarlijke verhalen aan toeschrij­ven, omdat de authen­tie­ke Chaldeewse aantekenin­gen die betrek­king hebben op de bij­belse Jezus en op vele andere voorname figuren uit hun Bij­bel gewoon administra­tieve gegevens blij­ken te zijn van onder meer rech­ter­lijke uit­spra­ken van die tijd. Buitendien leefde er overeenstemmend met het Joodse bevol­kings­register en strafregis­ter van die tijd een legio mensen die ook (Jesu) de naam Jezus droegen waar­van velen evenoud waren als diezelfde Jezus aan het Kruis. Welke Jezus de kerk precies bedoeld is nog steeds de vraag c.q. een grote religieuze raadsel.

 

... Er waren eertijds twee Jezussen die een belangrijke rol speelde in de Joodse geschiedenis ten tijde van de Romeinse wereldheerschappij, namelijk ééntje die mooi weer speelde binnen de stadsmuren en samenheulde met het sanhedrin en voorts geen belangstelling toonde voor de pauper in die tijd. De andere Jezus verbleef echter buiten de polis (Griekse heuvelstad) met zijn volgelingen die zich wel om de toenmalige misdeelden bekommerde alsook voorzag van voedsel en andere benodigdheden die hij middels diefstal, roof en inbraak onder zich kreeg.

 

... Het was destijds regel dat men elkaar bij de voornaam noemde, om de doodeenvoudige reden omdat vroe­gere volke­ren het toen niet relevant achtten om zich met een achter­naam of titel te tooi­en. Vandaar de namen in de Bijbel z.a. Abra­ham, Mozes, Sarah, Daniël, Maria, Izaak, Jacob, Lot, enz.

 

... Over welke Abraham, Mozes, Mirjam of Sarah het in de Bijbel precies gaat weet Joost alleen. Later in de geschiede­nis, alsook ten tijde van Jezus, werden achterna­men vaak door en alleen voor notabe­len en opmerkelij­ke geval­len gehan­teerd. Neem bijvoorbeeld de toevoe­ging "Christus" aan de naam van Jezus ging in op de dag van zijn kruisiging.

 

... "Christu" (=Christos of Chris­tus) bete­kent in het oud-joods, het Aramees, "gekruisigde." In het authen­tieke Hebreeuws zijn Semitische talen opgenomen, zoals het Chaldeeuws= de oude benaming voor "Aramees", dit was één van de vele talen die gesproken werd toen Jezus nog leefde.

 

… Het was trouwens een destijds veel gebruikte gewoonte waarin achterna­men slechts aan de adel en aan overle­denen werden toe­gekend, het laatste betrof voorname­lijk een toeken­ning van de plaatselijke over­heid teneinde de dode tot ver in de toe­komst ­in hun administratie te kunnen identi­fi­ceren.

 

... Dit waren meestal mensen, vogel­vrijverklaarden en individuen die niet overeenkomstig de ideologie dacht van hun overheer­sers en daarvoor werden gedood of bij verstek ter dood veroordeeld. De toevoeging bij een naam kwam vanwege al de eento­nige namen van die tijd zoals Jezus­, Balthasar, Nebu­kad­neza­r of Nero de ver­schrik­kelij­ke, Daniël, Helena, Hercules, Zeus, Mirjam, Iskander (= Karel de grote), Farao de eerste etcetera.

 

… Er leefden toen een heleboel mensen die ook dezelfde voor­naam droe­gen. Voorts­ kent de wereldgeschiedenis ­­vele Farao’s. Werp daartoe een terugblik naar het begin en de late­re ge­schiedont­wikke­ling van de Hollandse maatschap­pij (let wel Nederlanders komen voort uit buitenlanders.)

 

... Toen in de begin­pe­rio­de diverse over­zeese Noor­se, Germaanse en vele andere bevolkingsgroepen in groten getale zich in dit moeras­land kwamen vesti­gen werd door burger immigranten ook geen ach­ternamen ge­voerd. Dit omdat een achternaam alleen voorbehou­den was aan manne­lijke en vrouwe­lijke stamleiders zoals dat toen bij die vroege­re Ro­maanse volkeren ook een hoogst normale zaak was.

 

... Neem bijvoorbeeld Wodan, die sinds bij­belse onderd­rukking werd betiteld als de oppergod van de Germaanse mytholo­gie, blijkt feitelijk één van de eerste stamvaders te zijn geweest van de Noorse Vikingen, die honderden jaren geleden Europa aandeed. Dus een ach­ter­naam werd in der beginne alhier in de lage landen ook niet gebezigd, maar het voeren van een ach­ter­naam, dus per­soonsre­gistratie, werd o.a. in Nederland pas na 1817 een feit.

 

 

DE VERLICHTING DER PAUPERS

 

… Het Vishnuh-Genootschap kent Jezus van Nazareth als een verlichting voor de armen van die tijd en alwaar hij opkwam voor het verdrukte volk van toen.

 

... Hij trok zich immers het lot van de onderdrukten aan en toonde vooral belangstel­ling voor hun dagelijkse be­slommerin­gen. Verder droeg Jezus zoveel als moge­lijk bij aan hun le­vens­onder­houd. Jezus en zijn comparanten voorzag de bezitlozen immers van voedsel, dat hij middels ontvreemding onder zich kreeg.

 

... Door zijn menslievend en hulpvaardig gedrag ver­wierf Jezus grote populari­teit en sympa­thie onder de arme onder­drukte en misdeelde bevolking­, die overal gespreid en groepsgewijs in "Helios" woonachtig was.

 

... Voorts preekte Jezus daarbij over de waarde van het leven­ en wees iedere verschoppeling op hun waar­dig­heid als mens zijnde daar­in. Zo creëer­de hij al doende een levensleer om de ver­schil­lende onder­drukte en honge­rige volksgroepen, die in "Heli­os" waren gegroepeerd, re­ali­teits­zin bij te bren­gen.

 

… Dit alles moet los gezien worden van alle in de Bijbel voorkomende fantas­tische verdraaide vertelsels en gods­dien­stige levensbeschouwing die de Farizeeërs en zijn discipe­len 200 jaar later na diens dood over hem schre­ven.

 

…Het motto van Jezus de ge­krui­sigde luidde; keer de ene mens de andere wang toe. Om indertijd het hoofd boven water te houden was veel geoorloofd.

 

... Het was immers volgens Jezus toegestaan om te stelen, maar dan wel zonder een leven te nemen noch deze te kwel­len. Om in Helios te overleven was roven en stelen één van de weinige oplos­singen.

 

... Ook Jezus en zijn clan trokken bij nacht en ontij op die­venpad uit plichtsbetrachting om het arme volk dat in Helios woonachtig was te kleden en te voeden.

 

 

Daarover zegt de leer van "Vishnuh":

 

“ In die bijbelse tijden van volksonderdrukking gold te recht de ongeschreven wet van de minder bedeelden namelijk "Eerlijk duurt het Langst, maar Jatten gaat Sneller."

 

 

… En zo kent het Vishnuh-Genootschap de bijbelse Jezus als een begaafde wijsgeer, een respectabele rovershoofdman en de Robin-Hood van weleer. Daarom een driewerf “Halleluja Prijs de Heer" voor Jezus de Nazarener”, de man die altijd klaar stond voor zijn medemensen, de filantroop die in de Romeinse tijd heeft geleefd en is vermoord door het Sanhedrin onder het gezag van de Romeinse Prefect “Pontius Pilatus.”

 

... Het Vishnuh-Genootschap heeft diep ontzag voor deze Jezus, maar niet voor het bestaande door het Vaticaan verzonnen en verkondigt religieus verhaal waarin de Bijbelse Jezus afgeschilderd en geromantiseerd is als de gekruisigde religieuze dwaas waar hij in de bloei van zijn leven ook nog werd voorzien van een doornen kroon waarbij zijn bloed door de mishandeling langs zijn gezicht naar beneden gutst.

 

… Wat een sadisme en oh wat een mooie kroon zeg! En dit afschuwelijk en onmenselijk Christelijk vertoon noemt men Vroom Christelijk en Religieus? Anders gezegd; het is in één woord Luguber!

 

…Het bewijs van de moordpartij op Jezus de held der verschoppelingen door vroegere aanhangers van de Bijbel en de kerk, is hierdoor al duidelijk geleverd. Ziedaar het kruis waaraan "Hij" meedogenloos vastgenageld werd en voel zijn intense pijn, machteloze woede en wanhoop. Aanschouw in gedachten de onschuldig en nobel mens die 2-eeuwen na zijn overlijden ongegeneerd is gebombardeerd tot Gods zoon of tot de personificatie van God. Voor sommige stromingen is Jezus de God in hoogsteigen persoon. Ik vraag me wel eens af "hoe gek en ziekelijk kunnen gelovigen toch zijn onder hun hersenpan?"

 

… De hedendaagse praktijk bewijst echter dat het nog veel gekker en gewelddadiger kan. De begane vrome wreedheden en zogenaamde heilige misdaden inlijven naar eigen idee, en vervolgens deze goed praten, is ook één van de geliefde bezigheden van de kerk.

 

… En uiteraard, zoals met alles geschiedde ook de brute moord op Jezus de Nazarener in naam van God, zoals gewoonlijk dus!

 

… Het stelen van voedsel ten behoeve van het leven is ook uit kracht van de leer van Vishnuh zeker geen misdadigheid, maar een levensrecht wanneer er geen andere reële opties meer voorhanden zijn. Jezus de Nazarener deelde zijn voedsel met de arme minderheid en zijn lotgenoten.

 

... De zoon van de timmerman was bij leven geen slecht mens en toch werd hij door gelovige soortgenoten onbarmhartig afgetuigd, gemarteld en daarna ter dood gebracht. Dit omdat hij zogenaamd, volgens het bullshit verhaal van de religieuze moordenaars, moest sterven om een hoger doel te dienen teneinde de erfzonde van de mensheid door zijn dood en lijden weg te nemen.

 

... Bovendien was de mens Jezus vooral niet egoïstisch en ook niet hebberig, dit in tegen­stelling tot zijn latere (huidige) volgelingen die zijn levensverhaal op brute wijze hebben verkracht en tegenwoordig een ten­dens van ontkenning prediken jegens vrede en naastenlief­de, waarin zij steeds op egoïstische gron­den een totaal verkeerd beeld geven van inhoudelijke beschaving. Daarbij vertrappen ze vastberaden de menselijke waarden en normen van het leven alsof het een lust is.

 

... Jezus van Nazareth was gewoon een van de weinige nobele mannen van toen, hij was feitelijk "een goeie jongen" en een mensenvriend van zijn tijd, want alles wat hij op zijn nachte­lijke roof­tochten en inbraken met zijn bendele­den buit maakte, deelde hij eerlijk met de behoefti­ge bevol­king, die destijds door hun wreedaardige Romeinse over­heer­sers en lokale Jood­se en Griek­se colla­bora­teurs op goddelijke wijze werden vernederd.

 

... Ook de ingezetenen van het Romeinse rijk hadden toentertijd niets te vertellen, ze werden immers onder het juk van de heersende godsdienstbarbaren ook gruwelijk onderdrukt in naam van een zelfbedachte God.

 

... Gehoorzaam zijn aan de door de overheersers opgestelde leefregels, was meestal voor de onderdrukte bevolking de enige uitkomst en de ultieme manier om de religie geijkte samenleving waarin ze leefden te overleven.

 

... In de boeken en in de epistels van de Apostelen word er veel beweerd over het leven, de werken en de denktrant van Jezus, welke allemaal werden ingekleed naar eigen idee.

 

… Bijvoorbeeld, in het boek van Lucas (een van de laatkomers die 200 jaar na de dood van Jezus zich opwierp als een Apostel van Jezus) , is de persoonlijkheid Jezus en zijn mentaliteit uiteengezet als iemand van tweeërlei aard. Volgens Lucas was de Nazarener enerzijds goed voor de hulpelozen en als een goede vader voor allen die „het toentertijd niet hadden“, maar anderzijds was Jezus Christus despotisch en dwingend van aard ten opzichte van zijn discipelen.

 

... Volgens Lucas eiste Jezus van zijn volgelingen (lees ook onderdanen)absolute volgbaarheid en wenste hij niet geassocieerd te worden met een God. Jezus was dus niet-gelovig, hij gaf af op alles wat met godsdienst te maken had. Dus een echte Christen is niet-religieus, en ieder die zich Christen noemt maar een God aanbidt is feitelijk vervloekt. Onthoudt, dat mensen die zich Christen noemen in feite nep-Christenen zijn, aldus vervloekt.


… Deze theorie waaruit evident blijkt dat Jezus geen enkel godsgeloof aanhing, aldus ongelovig was en in zijn ongeloof zich vaak hoger stelde dan God is bewijsbaar gesteld middels geschiedkundige feiten. Er zijn ook atheïsten en andersgelovigen die zich beter voelen dan een ander of zich verheffen boven de denkwereld van andersdenkenden, maar ingevolge de Apostel Lucas spande Jezus van Nazareth hierin de kroon.

 

… Zie Lucas 14:26

 

Jezus zei: „Indien iemand tot mij komt en niet haat zijn vader, en moeder, en vrouw, en kinderen, en broeders, en zusters, ja, ook zelfs zijn eigen leven, die kan mijn discipel niet zijn.“

 

… Inderdaad juist, dit zijn allemaal maffia praktijken en gelovigen eigen dingen waar men geen touw aan kan vastknopen. Iedere apostel die eeuwen later na Jezus dood de door henzelf in samenwerking met het uitvoerend religieus orgaan (de kerk)opgetekende levensverhaal in de Bijbel over Jezus verkondigde had een eigen levensversie voor ogen, de een wist het nog mooier en fantastischer te vertellen dan de ander.

 

… Een groep godsdienst sympathisanten staken hun hoofden bij elkaar en kwamen overeen te kiezen voor een vroeger bestaande held met de naam Jezus waarna ze elk voor zich gingen brainstormen van hoe het moest zijn geweest in die tijd waarin hun godsdienstheld Jezus heeft geleefd en hoe hij zich mogelijk moest hebben gedragen ten opzichte van het leven en de bevolking aan wie hij voedsel verschafte, dat uit roof en diefstal afkomstig was.

 

... Het was super kien van de apostelen om het begrip God te koppelen aan de naam van de vermoorde Jezus om zelf in aanzien te stijgen teneinde de arme onwetende bevolking van destijds te strikken die door voorouderlijke overlevering het levensverhaal van Jezus de gekruisigde, die de zoon was van de timmerman Jozef, zich nog vaag herinnerde.

 

… Maar wie weet wat die „Jezus“ nog meer op zijn kerfstok had, en wie weet was zijn gewelddadige dood ècht zijn verdiende loon geweest. Ten bewijze hiervan verwijs ik naar de opgetekende verhalen over de bijbelse Jezus in het kader van het Joodse strafregister van toen alwaar hij overeenkomstig het Joodse strafwetboek bekend stond als een recidivist.

 

... Deze zelfde Jezus is dus twee eeuwen na zijn dood door zichzelf noemende discipelen springlevend gemaakt in vereniging met de kerk en aanhangers. Deze hebben ook 400 jaar later N.Chr. in hun verzamelwoede naar pakkende lectuur, de vermeende levensstijl van Jezus en levenswijsheid bijeenvergaard, vervolgens daaraan een religieus tintje gegeven en gaandeweg samengevoegd in hun nieuwe Bijbel, in de zogenaamd gematigde vorm „het Nieuwe Testament“ met het doel om de argeloze goedgelovige wereldmensheid voor hun ideologie te winnen. Hierdoor werd de rigoureuze verwerping van het Oude testament, welke een aftreksel is van de Thora (de Bijbel der Joden), een geschiedenisfeit.

 

 

MAAR WAT IS EN WAT BETEKENT HELIOS?

 

Nadat de vroegere Joodse en Griekse heersers door de Romeinen waren verslagen en deze de nieuwe over­heer­sers werden van Galilea, Judea en om­stre­ken, werden onder de Ro­meinse heer­schap­pij oude inheemse Joodse en Griekse begrippen gehandhaafd zoals "Heli­os."

 

... Helios was de plaatsnaam, die door de inheemse bevolking werd ge­naamd naar de dorre on­vruchtbare gebieden die veraf gelegen waren van de stad(en) en welke door de nieuwe dwin­gelan­dij en collaborerende Joodse priesterlijke macht werden aange­wezen als vaste woon en permanente verblijf­plaats voor ongeneeslij­ke zieken, voor pau­pers, vogelvrijverklaarden en voor mensen die wegens een aangeboren afwijking onnut­tig waren voor die zogenaamd vrome godsdienstige maat­schappij van die tijd.

 

 

DE JOODSE GHETTO VAN VROEGER

 

"Helios" was dus "de verdoem­plaats" waarin me­laatsen en al het overi­ge arme onderdruk­te gepeupel en gediscrimineerde min­derheids­groepen door de Romeinse regering met behulp van de plaatselijke collaborateurs (de Joden), werden verbannen en-of gedwongen om er hun toe­vlucht te zoeken. Ze moesten zo ver mogelijk van de goden toeven, want de goden waren immers de overheer­sers zelf. Zij (de gegoede klasse, m.a.w. de collaborerende lokale clan zoals Kajafas en consorten) die veel macht konden uitoe­fenen waren immers de uitbui­ters van het overige burger­volk dat binnen de stads­muren zich nog amper kon redden.

 

… De verstote­lingen echter in Helios, die Jezus be­schouw­den als een graag geziene gast, moesten zich dus verre van de stadspoor­ten ophou­den. "Helios" werd weliswaar oorspronkelijk ook al door de vroegere Griekse en Joodse heersers (onder Nikodemus de overste der schriftge­leerden en de Overste der Joden) ge­bruikt, maar dan alleen om tegen­standers van hun beleid naar dat "onheilsoord" te verbannen, naar dat "on­vrucht­baar dor land­schap", maar de Romei­nen maak­ten er tijdens hun heer­schap­pij in samenwerking met de plaatselijke collaborateurs "een massale ver­doem­plaats" van.

 

 

DE BIJBELSE FANTASIE DOOR KERKGENOOTSCHAPPEN

 

De hier­voor­genoemde "onheil­splaats" stond later model voor de bij­bel­se "Hel", en alle bestaande en nog gangba­re duivelverhalen stam­men af van de ellende waarmee de arme, zieke, kreupele en mismaakte bewo­ners in Helios toen werden gecon­fron­teerd.

 

… Dus door ge­bruik­ma­king van en op basis van ander­mans ellen­de, armoede, kommer en pijn, die toen in Helios aan de orde van de dag was, hebben gods­belij­ders hun Satan en demonen­ vertelsels bij elkaar gefantaseerd.

 

... Evenals de afgrij­selijke en griezel­ver­halen over misvorm­de en kreupele gedrochtelijke dui­velse figuren; dit laatste betrof de gees­telijk en lichamelijk gehan­dicapte mensen die op last van hun overheersers hun toevlucht tot Helios moesten zoeken.

 

... Zij die aangeboren fysieke en geestelijke afwij­kingen vertoonden waren onnuttig voor de wrede godvruchtige Romeinse en Joodse maatschappij van die tijd. Ook werden mismaakte en idiote mensen beschouwd als de ver­doemde creaties van Lucifer die zodra mogelijk vernie­tigt moes­ten worden, want zij waren toch nutte­loos, brach­ten altijd pech en vormden weleer een lelijke doorn in het oog voor de "vrome Gods belijders".

 

... De mis­maakte mens­heid die Helios heel­huids of half­dood bereikten waren stuk voor stuk ternau­wer­nood aan de dood ontsnapt door de bijbelge­noot­schap­pen en de gelo­vige mensheid van die tijd gezwind te ontvluch­ten.

 

… Tegenwoordig heeft deze vorm van Christelijke navolging van gehandicapten zijn stempel gedrukt in de hedendaagse wereldmaatschappij waarin de grondwet gebaseerd is op de Bijbel / Koran, gelet op het feit dat vele goedgelovige volkeren, Joden, Christenen, Moslims, Roomsen en andere, hun halve zolen en idioten angstvallig binnenshuis houden achter gesloten deuren. Want let maar op; in Turkije bijvoorbeeld ziet men daar bijna nooit verminkte mensen en gehandicapten zomaar in het openbaar lopen, je ziet ze wel meestal alleen maar wanneer het de familie goed uitkomt. Deze gehandicapten worden veelal misbruikt voor bedelarij en zieligdoenerij ter verkrijging van pecunia voor de uitbaters. Ze worden en zijn getraind om te bedelen.

 

... Gelovigen zijn dus wereldwijd één-pot-nat!

 

… En zo geschiedde dit ook tempo doeloe, want nadat bijbel­genoot­schap­pen de ellende relazen van heliosbewo­ners in hun Biblios=Biblia hadden ver­werkt werden ver­volgens fysieke misvormingen en Heliosachtige voorstellingen door gods­dienstleiders aan het volk ge­bracht als het loon van de onge­hoorzame, dan wel alleen toe­kwam aan de onge­lo­vige mens of on­derdaan (de ketter.)

 

... En nog steeds vindt soortge­lijke werk­wijze in deze tijd navol­ging en wordt voorna­melijk nog veelvuldig ge­bruikt door zogenaamde gods­dienaren als de ultieme waar­schu­wingen van hun "God" tegen alles van wat slecht is in "hun ogen".

 

... Het beoogde doel van kerkgenootschappen is hedendaags nog steeds het­zelfde gebleven, name­lijk ledenwerving middels be­drog, om zielige en labiele gelovi­ge figu­ren te binden aan hun godsge­loof en kerk.

 

... Daar­om ijveren godsdienstigen zich veelal voor om hun medemensen telkens erin te luizen en door in te spe­len op hun ver­driet, evenals het mis­bruik maken van ander­mans zwakheid in crisissi­tuaties, of middels verraad, of door onder­ling samen te ­zwe­ren in het vinden van allerlei Islamitische of Christelijke methoden en kwaad­aardige verzin­sels tegenover andersdenkende mede­naasten om interes­sant te doen, om mensen uit te bui­ten en om aandacht te krij­gen, maar hoofdzakelijk om mensen uiteen te drijven ten­ein­de de door hen ont­wrichtte slacht­offers naar eigen voordeel te kanali­se­ren.

 

… Dit is zeker het masterplan van God of Allah, aldus zijn gelovigen wereldwijd allemaal vogels van dezelfde pluimage!

 

 

Zo zegt de leer van Vishnuh:

 

“Godsdienst is het grootste euvel hier op deze aarde. Zich letterlijk en figuurlijk verschansen achter een godsdienst, en alweer bedriegerijen bij de vleet. Wie niet luistert wordt daartoe sociaal of fysiek gedwongen, gediscrimineerd of gewoon gemold, ook vinden ze heil in zakkenvullerij over de rug van medemensen, en alles word dan begaan wat verboden is door dezelfde God.”

 

 

Derhalve is God, als deze bestaat, net zo schuldig als de uitvoerders zelf, want in vele passages in de Bijbel is te lezen, dat "Hun God" alom tegenwoordig was en nu nog alom tegenwoordig is. Aldus was (is) "Hij" over van alles op de hoogte. "Hij", God de sadist der sadisten, was (is) krachtens de gelovigen, er overal bij en hij genoot (geniet) ook met volle teugen van al wat zijn fanatieke volgers door de eeuwen heen onschuldige medemensen hebben aangedaan en tot thans nog aandoen naar hun waanideeën met de Bijbel, de Koran of Heilige schrift als hun leidraad.

 

It is a fact Jezus, Mozes, Ae­ron and Salomon where Black.

 

Namen werden in bijbelse tijden ook op basis van religieuze ficties, vooroordeel, roddel, arrogantie en hypocrisie alszo­danig ge­maakt en later in de ge­schiedenis weer afge­kraakt.

 

... Zo werden de "arme slechteriken" (= Satan met zijn gevolg) in "Helios" beti­telt als "Lucifer en zijn demo­nen", en de "arme goeie­rikken" (= Jezus met zijn gevolg) werden spottend "de koning der Joden en zijn disci­pe­len" vernoemd. Zie respectievelijk; "Jezus met zijn disci­pe­len" (= Latijn en betekend; leerling, geweldloze volgeling) pas later (na 2 eeuwen) na de dood van Jezus noemden zijn volgelingen zich "Aposte­len" (= Grieks en betekend; Verkondiger en verdediger van een leer en in dit geval dus de leer van Jezus); en "Satan (= Grieks en bet. de boosaardige leider van de gevalle­nen / onderdrukten) met zijn demonen" (= Grieks en bet. slechte­rikken, geweld­dadige volgelin­gen.)

 

… Tegenwoordig is de originele leer van Jezus en van Satan bij de Wet straf­baar gesteld. Derhalve hoeft men in deze tijd niet Robin-Hood te gaan spelen (zie art. 47, 48, 287, 288, 289 & art. 302, 310, 311, 312 & art. 345 van het Wetb.v.Sr.)

 

… Zie hier, de taak van Jezus en Satan is door de staat of rege­ring over­geno­men en wordt tot thans op geraffi­neerde wijze en legaal gehandhaafd op de burgerij.

 

... Al de hiervoor genoemde strafwetten dienen feitelijk met terugwerkende kracht toegepast te worden op regeringsfunctionarissen, rechters en regeringsleiders in wiens landen de constitutie gebaseerd is op de Bijbel / Koran / Thora als het loon van de ongehoorzame. Dit soort kwaadaardige mensen hoort dus ook thuis op de vuilnisbelt en dient stante pede genadeloos vastgenageld te worden aan een houten Kruis, zoals op Jezus de Nazarener vroeger is toegepast, conform de stelling van de natuur “Oog om Oog, Tand om Tand!

 

… M.a.w.; de dieven, boeven en moordenaars zijn dus echter nog steeds de kerken, religieleiders, regeringsleiders en aanhangers van de overheid in vol ornaat (de witteboorden misdadigers), want deze mogen vandaag de dag nog steeds van alles doen wat hun God behaagt, zij het dan op slinkse wijze, volgens hun zelfbedachte wetten en regelgeving.

 

... En wat het begrip "volks­menne­rij" aangaat waar­voor de Naza­re­ner (=Jezus de gekrui­sigde) door de Joodse gemeenschap van zijn tijd met de dood werd bestraft is in de huidige rechts­orde principieel straf­baar ge­steld, maar het is tegen­woor­dig door zoveel soor­ten democra­tievormen ondoenlijk en onmogelijk geworden om dit gedrag (opruiing)bij iemand te bewij­zen, omdat de wet, de rege­ring, poli­tici en het volk mondiaal gezien ook gretig en naar gelang van de omstandighe­den zich daarvan willekeurig bediend.

 

 

…"HELIOS DE HEL"

 

"HELIOS" is omschrijfbaar als een grillige land­schap met een harde rotsachtige ondergrond en aldus niet ge­schikt was of geschikt ge­maakt kon worden voor agrarische doel­einden of voor veeteelt.

 

… In dit dorre gebied lagen overal rotsen en ste­nen verspreid en was verder rijk aan spelon­ken en holen waarin de Joodse en andere inheemse ver­schop­pelin­gen zich destijds konden neste­len en-of huisvesten.

 

... Op deze dorre onvruchtbare vlakten van "Heli­os", hun vaste woon en verblijf­plaats, waren er GÉÉN met zon be­schenen fruit en groentetuinen te vinden en er waren ook GÉÉN met zon be­schenen Sawa’s onder laag­han­gende regenwolken te be­speuren, maar slechts een dorre onherbergzaam woeste­nij die overdag omhuld was door de verzengende hitte van de zon en bij nacht heerste er vrieskou.

 

... Voorts groeide er spora­disch enige plukjes gras dat met grote moeite zich voe­ding uit de kurkdro­ge en arme bodem kon ver­schaf­fen. En als het er een keer regende kan dit wel wor­den vergeleken als een druppel op een gloeiende plaat.

 

... De bezitloze Heliosbewoners hadden door de onvruchtbare bodem van de "Hel" waarop zij woonden geen enkele schijn van kans om door agrari­sche toepassin­gen zich daar voedsel aan te maken.

 

… De enige voedsel­bronnen in "Helios" waren slechts de harde keien en het oneetbare rots­ge­steen­te. Vanwege het grote voedsel­gebrek dat er heerste waren de Heliosbe­woners genood­zaakt om tot het beste­len van de rijken over te gaan en tot het plegen van aller­lei kleine ver­grij­pen zoals Jezus toen ook voor­schreef. Deze waren namelijk stelen en roven en daarbij zo min mogelijk geweld gebruiken.

 

... De upper­ten die binnen de stads­muren huisden waren vaak de enigen die volop voed­sel bezaten en dit onder geen beding wensten te delen met de paupers.

 

... De bezitlo­zen in Helios hadden werkelijk niets dat enigs­zins voed­sel kon ople­veren, en op steun van de edelen hoefden zij niet te reke­nen, ze waren immers door die godvruchtige maat­schappij en de religieuze adel van wie ze toen mid­dels bedelarij en kruimel­dief­stal afhanke­lijk waren ge­doemd en gedumpt om te ster­ven.

 

... Stelen van voedsel was voor Heliosbewoners in die woelige Romeinse tijd de enige manier om zich het leven enigszins te handhaven.

 

… Deze manier van leven gold als de noodza­ke­lijkste must om te overle­ven. Krachtens de authentieke Joodse geschiedenis, advi­seerde Jezus "toeeigening van ander­mans have en goed, mits daar­voor "geen gebruik van geweld" werd gemaakt, behalve wanneer het eigen leven in gevaar was. Zijn discipelen mochten niet zomaar mensen en dieren doden noch een ander om zijn have en goed lichamelijk leed berokke­nen of deze enigs­zins lijfelijk pijni­gen, dan alleen wanneer dit noodzakelijk was.

 

... De ora­ties van Jezus, die gericht waren op saamho­rig­heid, waardig­heid en menszijn daar­in, waren ook hoofdzake­lijk gericht op het pikken van andermans goederen zonder winst­oogmerk waarin men het leven van een ander wel te allen tijde dient te respecte­ren en door de buit onder elkaar eer­lijk te verdelen.

 

... Dit in tegen­stel­ling tot de denk en handelswijze van de andere rovers­hoofd­man die alias "Satan" (=Grieks voor slechterik) werd genoemd, die  met zijn metgezellen (demonen) zijn slacht­offers beroofde van al hun bezittin­gen en ze daar­na zonder pardon de dood injaagde. Al deze misdaden pleegde Satan uit wraak voor wat hem en zijn familie door de Romeinse over­heer­sers met behulp van de lokale colla­bore­rende Griekse en Joodse nota­be­len, is aange­daan.

 

… Deze Griekse notabele die de naam Satan kreeg van zijn onderdrukkers, beschouwde destijds iedereen, die meewerkte met zijn vijand als verachtelijke volksverrader. Iedereen die een bijdrage leverde aan de vooruitgang van het wrede Romeinse regime was in zijn ogen een harteloze collaborateur.

 

... In principe had Satan daar ook volkomen gelijk in, want de meeste lieden die toentertijd in "HELI­OS" te­recht­kwamen werden daartoe met gebruik van ongekend veel geweld gedwon­gen door hun wrede Romeinse over­heer­sers in samenspraak met het Sanhedrin.

 

… Dit allemaal geschiedde inderdaad in nauwe samenwerking met de collabore­rende priesterlijke macht met medewerking van andere inheemse collabo­ra­teurs, die de verdrukten daar­toe eerst wreeddadig hebben behandeld of toegetakeld voordat ze ten­slotte werden verban­nen nadat ze eerst publieke­lijk werden ont­daan van hun waardig­heid en voor­ou­derlijke trots.

 

... Onder de Heliosbewo­ners bevon­den zich dus behalve gewone burgers, proletariërs, melaatsen, idioten, gedrochten, gehandicapten en andere, dus ook voor­aanstaande nota­belen die niet met de over­heer­sers wensten samen te heulen. Als straf werden zij door de Romeinse overheersers en mede op aanraden van de plaatse­lijke overlopers (=het sanhedrin) beroofd van al hun erfrech­telijke eigen­dom­men en vervol­gens ver­jaagd van hun voorvader­lijke erf­goed en jachtgronden. En daar was de bijbelse Satan er één van, hij was een prominente edelman van Griekse komaf.

 

… De intense woede en wrok die Satan (Grieks voor slechterik) in die tijd gevoelde voor de Ro­meinse tiran­nie en tegen de plaatse­lijke kerkelijke macht was gezien zijn bloedige ramayana (=levens­ver­haal)begrijpelijk en niet onte­recht.

 

… Naar mijn inziens had meneer Satan toentertijd volkomen gelijk om wraak te nemen op zijn vijand en analoog zijn zienswijze toe te slaan om zijn vijand en sympathisanten te bestrijden, want als God onrechtvaardigheid en wreedheid tegen medemensen voor staat waarom zou hij "Satan" zich dan moeten houden aan fictieve regels en wetten die uit kracht van het Sanhedrin door diezelfde wreedaardige niet-bestaande God werden zelfbedacht?

 

... Helaas werd deze onfortuinlijke Griek Satan later in de geschie­denis door Bijbelgenootschappen willens en wetens be­schreven als de groot­ste slechterik aller tijden enwel compleet voorzien met hoorns op het hoofd, roodgloeien­de ogen, zwart en lelijk uiter­lijk, en overeenkomstig de bij­belse fantasieën had Satan ook harige bokkenpoten.

 

... En let op, deze meneer Satan zal in de toe­komst door ouderwetse en nieuwe godsdiensten worden gemoderniseerd voor eigen gebruik, aange­dikt en gepa­rodieerd voor vermaak enz.

 

... De godsdienstige mensheid is door de eeuwen heen door schade en schande wijs en vindingrijk geworden en heeft allerlei andere manieren gevonden om haar religie te bestendigen in een ander voor gelovigen minder stringente belevingswijze, in een nieuw eigentijds religieuze jas.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 


 

 

Daarom zegt de leer van Vishnuh:

 

"Reli­gieuze mensen zullen telkens in herha­ling vallen doordat ze inge­roest zijn in hun kwaadaar­dig gods­dienstig leven."

 

 

Op grond van het vroegere Joodse strafwet­boek en rechter­lijke stukken waren de Bijbelse Jezus en zijn kornuiten, evenals Satan en comparanten, bij de plaatselijke Joodse justitie bekend als "reci­divisten."

 

... Jezus bestal de rijken en beroofde in vereni­ging met zijn metge­zel­len voorbij­trek­kende caravans van han­delsrei­zigers en koop­lieden van hun handelswaar, waar­na hij de buit onder zijn discipelen en onder zijn arme en hongerige toe­hoor­ders ver­deel­de.

 

... Hoe dacht men anders hoe Jezus aan de mand met broodjes en gebakken vis kwam, die hij hangende zijn verblijf in Helios verscheidene keren aan zijn hongerige toehoorders door zijn discipe­len liet uitdelen? Heus niet door magie of door een menselijke wonder zoals in de Bijbel middels dubieuze termen is uiteengezet, maar door beroving van een bakkerij en visafslagplaats.

 

… En de verhalen over wonderen door de mens "Jezus" en tove­narij is bullshit en horen uitsluitend thuis in het Rijk der fabelen en in het sprookjesboek van "duizend en één nacht." Wonderen, volgens de menselijke denkorde, bestaan niet.

 

... Daarentegen bestaan er wel mirakels, maar deze zijn de wonderen der Natuur.

 

... De andere kant van de keiharde Bijbelse realiteit die zich vroeger heeft afgespeeld in de Joodse ghetto "Helios", betrof de mededinger van Jezus, namelijk de roverhoofdman "Satan", die op zijn manier wraak nam door zijn slachtoffers te doden en ze tegelijkertijd te beroven van hun bezittingen waarna hij de buit eerlijk onder zijn trouwe man­schappen verdeelde.

 

 

Zo zegt de leer van Vishnuh:

 

“Eerlijkheid, rechtvaardigheid en harmonie zijn geen uitvindingen van het godsgeloof, maar dit zijn menselijke noodzakelijkheden die de mens worden opgeworpen door zijn persoonlijke of gezamenlijke situatie en omgeving.

 

... Eerlijk fout en eerlijk goed, zijn beide menselijke deugden die goed noch slecht zijn, maar deze begrippen dienen volgens de menselijke behoeften te worden geïnterpreteerd.

 

... Wie wil leven moet ook laten leven en wie wenst te overleven moet ook laten overleven, want overleven is het doel van de natuur in ons eenmalig aards bestaan.”

 

 

 

DE OPKOMST VAN BIJBELGENOOTSCHAPPEN NA CHRISTUS

 

Toen de Hebreeuwse en koptische geschriften later in de ge­schiedenis n.chr. tijdens bijbelse onderwerping werden inge­pikt door Germaanse bijbelgenootschappen, konden deze aanvan­ke­lijk daar niets mee. Maar langzamerhand veranderde dit en werd een Bijbel (boek, rol) gewijd en geschreven op grond van de eerder toege­ëigende papyrusrollen.

 

… Deze "oude papyrusrollen" werden op een gege­ven moment door kerkleiders en andere religieuze belanghebbenden vertaald naar de schaarse gegevens waarover zij indertijd beschik­ten van Chaldeewse, Hebreeuwse en andere voorkomende tekens en van andere inlandse Joodse (Afrikaanse) en Oosterse talen.

 

... Dit kwam doordat het Hebreeuwse alfabet toen al onlees­baar was en eeuwen tevoren voor 90% verloren was gegaan tezamen met de volkeren die de desbe­tref­fende kennis ook bezaten.

 

... Tegenwoor­dig gaat men stoïcijns voort met het verta­len van de inmiddels gevonden en opgegra­ven dodezee­rol­len en andere oude geschriften volgens "oud gebruik."

 

… M.a.w. "het toe­pas­sen van het vroegere door bijbelge­nootschappen zelfbedachte alfabet, (gebaseerd op de inheemse talen, dat volgens hun interpretatie "mis­schien" het geschrevene zou kunnen zijn en welke later omgezet werd in het Latijn", die uit ver­schil­lende inheemse talen werd samenge­vorm­d), voor de verta­ling van de in deze tijd gepikte authen­tieke dodezee­rol­len en andere oude geschriften.

 

... Dat wil zeggen; de katho­lieke Bijbel, of de bijbelse versie van de Jood­se geschie­denis was toen al onjuist en buitendien niet com­pleet, zelfs nu nog.

 

… Nimmer zal men de Joodse geschie­denis compleet krijgen, omdat het origi­nele alfabet dat gebe­zigd werd door vroegere Jood­se en Aziatische vol­keren van voor bijbelse tijden, net zo lang dood is als de dode zee zelf.

 

... Dat betekent ook, dat de toentertijd bijelkaar verzonnen versie van de oude inheemse koptisch en hebreeuwse talen door bijbelgenoot­schappen waarin hun eerste Bijbel werd opge­steld, niet van toepassing is voor de vertaling van de in deze tijd geroofde dode zee rollen (meestal uit oude graven gepikt voor een zogenaamde onderzoek waarna deze rollen tenslotte in de eigen kluis terechtkomen en daarna nooit meer boven water komen) en andere oude ge­schrif­ten die feitelijk de ge­schiede­nis, de levensbe­schou­wing en kronie­ken behelzen van reeds lang vergane bescha­vin­gen, bevol­kings­groepen en konink­rijken.

 

… "De Bijbel is geschreven door machts­wellustelingen uit eigen belang, uit hebzucht en uit puur materieel gewin. Zo werd de Bijbel gevuld met de historie en levensfilosofie van talrijke inheemse volkeren in de wisse­len­de tijdsaspecten.

 

... Deze kwaad­aardige mensen (= godsdienaars) hebben aanvanke­lijk van de gerin­ge kennis, die zij zelf toen bezaten begerig mis­bruik ge­maakt door de toentertijd buitge­maakte papy­rusrol­len te inter­prete­ren en tegelij­kertijd in te kleden naar eigen idee, en daar waar men geen touw aan kon vast­knopen heeft men gewoon wegge­laten of erbij ver­zonnen, zich wel degelijk van bewust, dat de door hen buitgemaakte papyrusrol­len slechts fragmen­ten weergeven van oude volkeren en in veel voorkomen­de gevallen eigen­lijk uitsluitend gelden als de "ad­ministratie" van reeds lang verga­ne cultu­ren".

 

... Bekijk en lees de Bijbel maar eens goed door, dan zal men behalve het eerder genoemde, ook het plagiaat, dat door diverse bij­belge­noot­schap­pen in die tijd werden gepleegd en tegen­woordig nog alszodanig plegen, herkennen en ont­dek­ken in oude en nieuwerwet­se ge­loofs­leren van gods­be­lij­ders als­zijnde hun oorspronkelijke godde­lijke passa­ges.

 

... In wer­ke­lijk­heid hebben gods­dienst­leiders door de eeuwen heen zich dat allemaal namens hun God weder­rech­telijk toegeëi­gend. Het meren­deel van de bijbelse verhalen zijn alle­maal eigen aan de historie van diverse oude Jood­se- Griekse en andere inheemse oos­terse volke­ren. Hierbij is komen vast te staan dat de eliteklasse van toen ook de onder­drukker van vroeger was en de hedendaagse elite is de onder­drukker van Nu.

 

… Kijk hier­toe naar de rijken der aarde; al hun vergaarde rijk­dom is welis­waar op wettelijke wijze bijel­kaar "gepikt", en dat is alle­maal verkre­gen door soortge­noten (mensen) uit te buiten middels geeste­lijk geweld onder het mom van "het is gods­woord", "in naam van Allah" of namens “democratie” of wat men daaronder verstaat.

 

 

Zo zegt de leer van Vishnuh:

 

"(Gods)geloof is illusie dat buiten­dien door de eeuwen heen slechts kommer en kwel met zich heeft meege­bracht en deze twee euvel­heden nog steeds mid­dels het rechtmatigheidstelsel voortgaat."

 

 

Zie; het dwingend recht van vroeger, dit is zieltjes­jacht middels geweld­ple­ging of onder bedreiging met geweld, de vroegere werkwijze van godsdienaars in naam van fictieve go­den, is in de recente tijd onderge­bracht in een democratisch jasje welke ongetwij­feld kan worden aangemerkt als het verborgen schijnheilige rechts­sys­teem dat op legale wijze geestelijk en lijfelijk geweld op de medemens pleegt en bevor­dert. En dit legaal geweld is een typisch ken­merk van samenlevings­vormen die een zelfde rechts­or­de (demo­cratie)na­streven.

 

... Let wel democratie geba­seerd op bijbelse maatstaven of op zichzelfgerichte criteria van wat men persoonlijk onder democratie verstaat en door zich chris­ten noe­mende heersers opge­steld; zie onder andere de Ameri­kaanse grondwet, de Nederland­se grondwet, de Engelse grondwet, de Surinaamse grondwet, enzovoort.

 

… Kijk ten aanzien van "geestelijk geweld" daartoe naar de reli­gieuze regering mondiaal gezien ten opzichte van haar onderdanen; als de regering plotseling in allerijl belastingmaatregelen treft en het volk hiertoe al­lerlei irrelevante belastingverhogin­gen oplegt moet het volk zich daarnaar schikken, hetzij goed­schiks hetzij kwaad­schiks. En er is in deze bijna geen mogelijkheid om zich met succes te verzetten tegen een of meerdere door de regering opgelegde wetsbepaling. Of als het volk van de ene op de andere dag socia­le of andere beper­kingen worden opgelegd waar­van op blijkbaar rede­lijker­wijze niet van het burgervolk verwacht kan / mag worden deze na te leven heeft men het opge­dron­gene toch maar te nemen. Meestal was daarbij de mening binnenskamers al ge­vormd voordat een rechts­maatregel het volk totnogtoe enigszins be­reikte, en tot thans worden protesten daartegen vaak door de regering omgezet in adem verspilling.

 

... Dat waren slechts enkele voorbeel­den van geestelijk geweld. En zie vervolgens naar de werk­wijze van de religieuze getin­te regering over de hele wereld geno­men, deze zal altijd door machtswel­lust en hebbe­righeid gedre­ven, eerst haar medebroeders in allerlei overheidsvoorzie­ningen voortrekken en de voorzie­ningen die bestemd zijn voor anders­denkenden zal zij scrupu­leus drukken of op aller­hande manieren weren, dit beeld voltrekt zich dagelijks mondiaal gezien, in die zogenoemde democratische landen die behept zijn met het godsgeloof in welke vorm dan ook.

 

… M.a.w. Religie heet tegenwoordig officieus Politiek, want de ingezetenen worden nu door regeringsleiders op "wettelijke wij­ze" geeste­lijk en fysiek uitgebuit. Zodoende wordt het volk spijkerhard onder­drukt en tenslotte monddood gemaakt. Oftewel politiek is de nieuwerwetse vorm van godsdienst belijding, want iedereen wordt in het onderhavige huidige regeersysteem met haar zelfbedachte regels en wetgeving moedwillig belazerd waar ze bij staan.

 

 

Daarom zegt de leer van Vishnuh:

 

"Voor religieleiders, ge­loofs­belijders en religieuze samenlevingsvormen geldt in het alge­meen dat zij alleen datgene aantrek­ken waar eigen belang en religie ten grondslag ligt aan hun individuele levenshouding."

 

 

Bij nader inziens zijn de kwaadaardige religieuze ficties, zoals klopgeesten, Spoken, Nosfe­ratu, Satan, demonen of dui­vels en andere, allemaal griezelige creaties van godsbe­lij­ders. Over het algemeen zijn de meeste nare dingen ook door hen zelf­be­dacht, meestal uit hebbe­rig­heid en uit zuiver materieel oog­punt.

 

... Daar waren de onderwerpingoorlogen van bijbelgenootschappen­ immers op gericht (kruis­vaar­ten, kruistochten, hek­senjach­ten, etc.) En alle wandaden die ge­loofsbelijders daar­bij tegen de on­schuldi­ge mens­heid begin­gen werden alle­maal afgedaan als de wil van hun ter plekke verzon­nen of schriftuurlijke god(en.) Op het ogenblik word de verkapte vorm van deze bijbelse verdrukkingen door sommige godsdienst groe­pe­ringen doelbewust voort­gezet, zij het dan op schijn­heili­ge en op andere wijze van derge­lijke strek­king.

 

… Maar volgens sommige geloofsbelijders is niet iedere godsdienstgroepering door God geko­zen. Hiertoe word vaak beweerd dat hun alleen en de eigen con­sorten de echte Christenen zijn en volgens sommige sekten botert de rest maar wat aan waarbij de kwaadwillende groeperingen de Bijbel en Koran uitslui­tend han­teren als een welkome aanvul­ling waarin het begrip Bijbel en Koran wordt vertaald als "hun gods­woord". Elkaar afkraken stamt ook af vanaf bijbelse tijden.

 

... Maar wat betekent Bijbel, hoe is het begrip Bijbel feitelijk ont­staan en waarvan is deze afgeleid?

 

 

Zo zegt de leer van Vishnuh:

 

"De uit­drukking Bijbel is afge­leid van het Griekse Biblios (= boek of geschrift, rol) en zo gebeurde het ook met alle andere en voor gods­dienstlei­ders bruik­bare begrippen zoals helios (= Hel) waaraan godsdienaars hun godenver­halen hebben vastge­maakt en afge­rond.

 

… De Romaanse talen waar­on­der het Latijn zijn groten­deels ontstaan uit diver­se vroegere inheem­se talen zoals Grieks, Hebreeuws o.a. Ara­mees en andere Chal­deewse talen, Finesisch, het Poli­nesisch en diversen.”

 

 

Dat was mogelijk doordat­ bijbelgenoot­schappen de geschied­verhalen van vroegere inheemse volkeren middels geweld en volkerenmoord hebben ingepikt en inge­lijfd.

 

... Terwijl de in­landse hoof­den door godsbe­lij­ders in naam van hun zelfbe­dachte god(en) werden onthoofd of op andere geweld­da­dige wijze werden afge­maakt, werd de overige zeer jonge minderjarige bevol­king onder­worpen aan hun bijbels gezag. Dit omdat kinderen voor allerlei beïnvloedingen vatbaar en een erg gemakkelijke prooi zijn, vervolgens doet de tijd de mens heel veel vergeten en verleren, op het laatst weet men het niet beter dan wat men geleerd wordt.

 

... Eenmaal in de greep van de religieuze vicieuze cirkel werden de prille onderworpenen door godsdie­naars namens hun almachtige God ferm uitgebuit, lijfelijk en geeste­lijk ver­drukt. En zij, die zich niet wenste te onder­werpen aan het Bijbels gezag wer­den simpelweg vernietigt.

 

... Voorts hebben de "uitverko­renen" (religielei­ders) in hun Bijbel gauw de nodige aan­pas­singen gedaan en gaandeweg voor­zien van voor de over­heer­sers aan­vaardbare leefre­gels waarin hun wandaden op de één of andere manier werden goedge­praat als "de wil van hun almachtige "God."

 

… Bo­ven­dien hebben gods­dienst­lei­ders de geloofsleer over "abs­trac­te weten­schap­pen." Vele vroegere volke­ren geloofden op een nuchtere manier in bovenaardse of onderaardse goede, kwade of boze gees­ten en duistere krachten en hebben deze alszodanig opgetekend en vastgelegd als een onderdeel van hun stamouderlijke geloofsleer; het "Animisme", die aan de onder­wor­pen volke­ren toebe­hoor­de gretig mis­bruikt ter reali­sering van hun eigen doelstellingen, dit zijn namelijk machtswel­lust, machtsmis­bruik, het inpikken van ander­mans have en goed ingevolge de wil van hun zelfbedachte schriftuurlijke God.

 

 

Zo zegt de leer van Vishnuh:

 

"Het voldongen feit is dat de Bijbel grotendeels een verdraaide samenvat­ting is van Joodse kronieken in de lijn van Abraham, Izaak en Jacob en is geheel afgerond met Oosterse filosofie en mythologie.

 

 

… De zogenaamde heilige boe­ken hebben alle­maal hun bestaan te danken aan verzinsels en door bijbelge­nootschappen ver­draai­de volksge­schiedenis en andere bestaande geschied­kundige feiten van vreemde volken kris kras door elkaar. Al deze gegevens werden verwor­ven krachtens de lijn van wat geloofsbelijders als hun waar­heid waarnamen.

 

… Voor godsbe­lijders geldt zoals van oudsher, dat de waarheid alleen gezegd en gesproken mag worden zolang het hen niet krenkt of enigszins hun macht kan aantasten, want de waar­heid is meestal uitsluitend datgene wat ze zelf als waarheid willen zien. Dit was toentertijd de handelwijze der "Goden", en tegen de goden mocht men immers niets in­bren­gen, zelfs Nu Nog!”

 

 

In de huidige tijd wordt de Bijbel door godsdienstleiders nog dage­lijks en naar gelang van de omstandighe­den willekeurig aange­past, toegepast en voorts voorzien van voor de groep accep­ta­bele leefregels. Zo ontstaat een Bijbel, precies zoals Kalvijn deed, de Jehova’s getuigen, de Baptisten en nog vele anderen na deze.

 

... Voorts is alom duidelijk merkbaar hoe hypocriet en wraakzuch­tig gelovige mensen feitelijk nog zijn ten opzichte van zijn andere gelovige mede­mens, en de jaloezie die daarin is verwerkt kent vaak geen grenzen.

 

… Als men de predikers van diverse gebedshuizen op de keper beschouwd ziet men, dat Godsdienst­leiders allemaal stuk voor stuk denken volgens de lijn van hun zelfbedachte gods­dienstleer het aan het rechte eind te hebben. Ze bewe­ren hiertoe in omslachtige bewoordingen pertinent, meestal door eer­zucht, verwaandheid en hebberigheid gedre­ven, dat uit­sluitend zij als enige worden geïnspi­reerd door hypo­theti­sche hogere machten en de "God" of de le­vensbe­schouwing van een ander is in hun ogen nèp, aldus niet goddelijk geïnspireerd.

 

... Het godsgeloof is egoïsme ten top, het is maar dat je het weet, en wie dit eenmaal weet laat zich niet meer bekoren, en anders is men ook verloren.

 

 

Daarom zegt de leer van Vishnuh:

 

"Christen zijn of een aan­han­ger zijn van de Bijbel of Koran is geen waarborg voor oprechtheid en goed­heid, integendeel, gezien hun "onveranderlijk vals gedrag" jegens de evennaaste door de eeuwen heen. Een ieder is welis­waar vrij in zijn eigen gods­dienstbe­leving, maar levende wezens zijn individuen die alleen al op grond van het "levend wezen-zijn" recht hebben van zelfbe­schik­king, derhal­ve heeft niemand het recht een ander­mans leven te leiden, te muteren, sturen of te beheersen, niemand mag zijn godsgeloof of zijn leefwijze aan een ander opdrin­gen."

 

 

Zo ziet men voorbeelden om zich heen wat gelovigen en uitver­korenen van hun "Here Gods" feitelijk onder vredelievend­heid verstaan. Ze maken elkaar broederlijk af; ze gunnen elkaar het licht in de ogen niet; ze staan namens hun "God" en door hun ziekelijke zucht naar macht elkaar eigen­zinnig naar het leven; ze beoordelen en veroorde­len elkaar op lafhar­tig wijze, terwijl ze alle­maal de­zelfde Bijbel adoreren.

 

M.a.w.: Geloven in een "God" betekent dus zich een vrijbrief verschaffen om onge­straft en willekeu­rig aller­lei wandaden te mogen uitha­len tegen elkaar en tegen medemensen. Kijk hier­toe naar de onderlin­ge oorlogen en twisten van nu, ze hebben allemaal een reli­gieuze oorzaak en gevolg. En al hunner van hier­uit begane mis­drij­ven tegen de onschuldige mensheid worden thans nog ­steeds afgedaan als de wil van hun allerhoogste God.

 

... Geloofsbelijders hebben bijna allemaal als stop­woord: - "het is de wil van Allah, en dan roepen ze bijna altijd in koor "Allah ho Akbar".

 

- "het is de wil van hun Here gods",

 

- "het is de wil van JHWH",

 

- "het is de wil van hun individuele almachtige en barm­hartige "God" de Here".

 

… En alle hiervoor genoemde aaneenrijging van religieuze woorden ten aanzien van hun godsdienst, behelzen de vrijbrief tot het herhaalde­lijk en onge­straft plegen van wandaden in naam van hun dierbare sadistische God, die tevens een schat is van een duivel!

 

... Afgezien van het feit dat er gelovige groeperingen zijn die zelfs beweren dagelijks zware slag te leveren met demo­nen, mogen wij niet aan het feit voorbij gaan, dat mensen die dergelijke rare kronkels in hun hoofd hebben zitten nimmer te vertrouwen zijn.

 

... In naam van hun God en Satan, en in naam van de heilige geest en hun idiote bijgeloof heeft de vrome mens eeuwenlang ongestraft gemoord, zich andermans hebben en houden wederrechtelijk toegeëigend en evennaasten voor de lust gekastijd et cetera.

 

… Mijn conclusie ten aanzien van dit soort religieuze figuren is; hun geloof in hun God is onvoorstelbaar onzin­nig en vooral stupide. Het merendeel van de gelo­vige mensheid is dolgedraaid met een rare kron­kel in hun gedachtegang, en de meeste zijn in één woord krankzinnig!

 

… Het zal ongetwijfeld een zegen voor de mensheid betekenen wanneer godsdienstleiders en regeringsfunctionarissen zich massaal laten nakijken zodat onrechtvaardigheden waaraan zij zich te buiten gaan tegen medemensen tot het verleden gaan behoren.

 

... Eeuwen geleden krioelde hier op aarde een heleboel Goden, bijna elk volk ter wereld had er één of meerdere! Alles moest echter verklaard worden, dus voor alles was er een God. Nu is er overeenkomstig het Christendom nog 1-God over, hun drie-eenheid, maar niet in alle godsdiensten, want de Goden zijn tegenwoordig niet meer te tellen.

 

... En wat de drie-eenheid aangaat; heb drie-maanden omgang met gelovigen, en men zal bemerken dat ze binnen deze periode meer dan drie keer in herhaling vallen met hun hele Christelijkheid en devotie.

 

… Maar als de gelovigen ooit met z’n allen wijs genoeg zijn door de realiteit onder ogen te zien,dan gaan ze echt wel inzien dat God, zoals de meeste “Hem of Haar” zien en vrezen, een legenderest is, een residu en verder niets meer.

 

… Welke gelovige komt nou in de hemel terecht? Hij of zij komt altijd in de hel terecht van een ander geloof hier op aarde. En als gelovigen oprecht denken, dat er na dit aardse leven een paradijs bestaat; "Bon voyage et long retour", oftewel, "Ga heen en kom niet meer terug!" Neen, maar daar voelen ze niets voor! Waarom verlangen ze dan niet levenslang naar de dood om zo gauw mogelijk in hun Hof van Eden te zijn, maar proberen met alle macht zo laat mogelijk te sterven?

 

... Mijn ervaring is dat godsdienaren schijnheilig zijn en in het algemeen aanvankelijk bij de eerste ontmoeting zich erg liefjes en aardig gedragen tegenover anderen, maar ondertussen zijn ze kwaadaardig en ge­niepig als de pest.

 

… Ik heb me hierbij vaak afgevraagd, "hoe kunnen voor­al mensen die tegen­woor­dig onophoudelijk stel­lig beweren het goede in hun Bijbel te kennen en steeds op het opdringerige af aanvoeren dat hun "God" van liefde is en de bren­ger van harmo­nie tussen levende wezens onder­ling en zo meer, toch deson­danks een grote lol kunnen hebben in treiteren en wegpesten van andere levende we­zens?

 

… Doch hoe willen godsdie­naren zodoende anders­denken­den doen begrij­pen dat hun "God" goedertieren en barmhartig is, terwijl ze jegens andersdenkende medemensen perma­nent opdringerig reli­gieus ge­drag ten toon spreiden welke is verwerkt in hun democratie en staatsbestel?

 

 

Zo zegt de leer van "Vishnuh":

 

"Godsdienst figuren die hun godsge­loof op indoctrinerende wijze aan een ander opdringen zijn meestal de afstam­melingen van diege­nen die vroeger hek­sen­jachten, kruistochten en inqui­si­ties organi­seerden in naam van hun Jezus of namens hun zelfbedachte "God" en hun vrome voorou­ders stonden vooraan in de rij om het onschuldige volk te in­doctrineren en te marte­len; en deze zagen ook al de wandaden en zondedaden, die zij op hogere inspiratie bewust hebben begaan tegen de onschuldige mensheid, slechts als een door hun "God" gege­ven religieuze afwisseling, welkome aanvulling en tijd­ver­drijf in hun gods­dienstig be­staan. Het zit ze diep in het bloed."

 

 

Tegenwoordig hanteren de nakome­lingen en volgelingen van de vroegere heksen en ketter­jagers slechts die passages uit het oude testament, welke op hun levens­houding in deze moderne tijd van toepassing zijn. Maar in het nieuwe testament is hun hele gedragshouding groten­deels gebaseerd op het huma­nistische principe van hun "Jezus de gekruisigde, "het martelaar­schap", en dan alleen in combinatie met hun eigen bijbelse formule van absolutie (d.i. wel de daad(en) toegeven middels de biecht) met het vooruitzicht een gegarandeerde kans op kwijtschelding van alle zondedaden namens God via de kerkelijke macht.

 

 

Daarom zegt de leer van "Vishnuh":

 

"De kwaadaardige mensheid heeft door de eeuwen heen altijd allerlei formules bedacht om de medemens te kunnen onder­werpen en om het deze zo moeilijk mogelijk te maken en als er voor iets nog geen "God" voor was, werd deze alsnog vlug van een "God" en van een wet voorzien.”

 

 

De Koran bestaat al ongeveer 1500 jaar, terwijl de eerste katholieke Bijbel (het oude testament) een eeuw daarvoor geschreven werd en in 1520 is herschre­ven waarin tegelijker­tijd met deze het nieuwe testa­ment ook zijn schriftelijk ontstaan vond door opko­mende bijbelgenootschappen die nieuwerwetse ideeën op na hielden.

 

... De kerkelijke macht heeft door de Joodse kro­nieken doen voorkomen alsof de Bijbel dui­zenden jaren oud is, maar de enige kern van waarheid in deze stelling is dat de Joodse geschiedenis en de historie van vele andere vroegere volkeren die in de Bijbel is verwerkt inder­daad duizen­den jaren oud is, maar de Bijbel en andere van hieruit ontstane geschriften dus niet.

 

... Met andere woor­den; de Bijbel is een uittreksel van de historie van talrijke inheemse volken en gebaseerd op diverse leef­facto­ren, de ara­bieren hebben afgeke­ken van de Bijbel, vervolgens werd de Bijbel mondiaal gezien geparo­dieerd door allerlei splinter­groepen waarin eigen ideeën werden verwerkt en zo kreeg deze vorm van pikken en godsdienstbeleving over­al navolging door opko­mende kerkge­noot­schappen.

 

… Alom ter wereld werd op basis van de ka­tho­lieke Bijbel een voor de groep aanvaard­bare Bijbel of heilige boek ge­schre­ven waarbij de Joodse geschie­denis meer afbreuk werd aangedaan ten opzichte van de toen nog authentie­ke Hebreeuwse stukken.

 

... Alhoewel het nieuwe testa­ment en de nieuwerwetse geloofsle­ren waarin de Joodse geschiedenis her­nieuwd is verwerkt en waarvan grote delen inheemse geschie­de­nis daarin een nieuw schrifte­lijk ontstaan vond, bracht deze geen noe­mens­waardige verande­ring voor het godsgeloof in het alge­meen.

 

... Desondanks accepteer­de een legio religieuze groepe­ringen toch gretig dit vernieuwd gods­dien­stig­ verhaal vanwege haar grote portie minder stringente reli­gieuze in­zicht. Ijverig gaf de priesterlijke en kerkelijke macht destijds gehoor aan de oproep van hun charismatische leiders ter realisatie van een eigen Godswoord; deze gingen fanatiek afkijken van anderen, schrijven, plakken, samenvoegen en aanpassen totdat hun heilige boek gestalte kreeg.

 

 

Zo zegt de leer van Vishnuh:

 

"De Bijbel is geschreven op basis van de Joodse kronieken en aangevuld met dwa­lende kennis van ontelbare Aziatische volkeren die door bijbelgenootschap­pen en door godde­lijke inspira­ties gewelddadig werden onder­worpen en wiens geschie­denis door de overheersers werden geannexeerd, en wat deze wereldwijde criminele organisaties voor zich onbruikbaar achtte werd gewoon middels verbran­ding vernietigd of op andere wijze onbruikbaar gemaakt."

 

 

Behalve, dat de Bijbel vroeger hoofdzakelijk als machtsmiddel werd gebruikt om andersdenkenden uit te buiten en te onderdrukken, werd daar waar de gelegenheid zich voordeed niets ontziend ontkracht en gecompleteerd met eigen epossen, hiertoe werden een grote reeks inheemse goden op enkele na vervan­gen door blanke goden en blanke helden.

 

… Neem een voorbeeld aan het vroegere Mesopo­tamië, het land dat ligt tussen de Tigris en Euphrates het tegenwoordige Afrika; zie Salo­mon was een negerkoning die conform de Bijbel een godsge­richt velde evenals Mozes en zijn opvolger Aeron die allemaal ook pik­zwart waren. Volgens authen­tieke stukken en zoals ook in de Bijbel is omschreven waren de personen in kwestie zo zwart als ebbenhout.

 

M.a.w., de Afrikaanse en Ooster­se volkeren van nu zijn bijna alle­maal nakomelingen van de Bijbelse volkeren alwaar (Mesopotamië) de verwaande en gelovige mensheid is begonnen met bekeren en volkeren­moord. Tij­dens deze door ge­loofsbelijders gepleegde gruwe­lijke mis­drij­ven, hun zoge­naamde bekeringsacties, werden allerlei in­landse goden ter plekke in hun "boek" (Bijbel) sa­men­ge­voegd afkom­stig uit de inheem­se ge­schrif­ten en geschiedenis, die bijbelgenootschappen hangen­de hun rooftoch­ten hadden buitge­maakt.

 

 

ONDERDRUKKING IS HUN HOBBY

 

Het onderwerpen, bekeren en pijnigen van de inheemse vrede­lie­vende volksstam­men, waren de eerste stappen van bijbelgezinden tot wijdverbreide en we­reldwijde mensenrechten­schen­din­gen, fysieke en geeste­lijke uitbuiting en gruwelijke massa­slachtingen door de eeuwen heen in naam van hun God.

 

... Zelfs uw eigen Germaanse, Keltische, Romaanse, Indi­sche, enz. stamouders zijn alle­maal op instiga­tie van opko­mende bijbelgenootschappen en hun helpers (meestal collaborerende soortgenoten) geweld­dadig vernederd, onder­drukt en ten slotte gemassacreerd. Hierna werden de nakomelingen van deze vermoorde volksstammen door reli­gieuze sociale indoctrinatie gelovig en lyrisch ge­maakt.

 

… Het is feitelijk zeer zielig om te zien hoe deze af­stammelin­gen het ge­loofstrauma van hun stamou­ders hebben overgeërfd en deze ont­sproten trau­matische ge­loofsovermacht nu nog steeds voordragen als de hedendaag­se oplossing.

 

… Bestudeer de Bijbel maar eens goed dan zal men onge­twijfeld de passages tegenkomen der verraad, volke­renmoord en van een heleboel andere gepleegde straf­bare feiten door bij­belgenoot­schap­pen sinds bijbelse tijden.

 

… Geen enkele reli­gie kan zich trou­wens beroe­pen op onschuld, want de geweldda­dige katholieke beke­ringsacties kregen mondi­aal gezien recht­streeks navolging doordat het merendeel van de nu nog be­staan­de godsdienststro­mingen ook iets in de pap te brokkelen wilde hebben. Zodoende werd het tijdperk van eeuwen­lange religieuze onder­drukking een geschie­denisfeit.

 

... En het Vishnuh-Genootschap kan dit allemaal weten, omdat het al be­staansrecht had lang voor­dat er op deze aardbol enigszins sprake was van bijbelge­noot­schappen, kerken, klopgeesten en Satangezinde splinter­groepen.

 

… Geloofsbelijders zullen steevast trachten middels veelheid van woorden hun begane bekeringsriten (= opdringerig godsdienstgedrag, teneinde de andersdenkende medemens tot hun geloof te bewegen) te camou­fleren, met als verwij­zing naar de rechtsorde van hun rechtmatige Christelijke maat­schap­pij, waarin alles wat recht­vaardig is stevig wordt ge­drukt terwijl rechtmatigheid verworden is tot een Christelijk gebruik.

 

 

Daarom zegt de leer van Vishnuh:

 

"Er zullen altijd twee soorten mensen zijn, namelijk zij die ziend zijn, maar toch in het duis­ter zitten en zij die blind zijn, maar het licht aanschou­wen en daarin het realis­me van de wereld en haar ver­bondenheid met de natuur tijdig inziet en begrij­pt."

 

 

… Men "dient" iedereen in zijn eigen waarde te laten en andersdenkenden "moet" men ook met rust laten in weder­zijds begrip, respect en harmonie.

 

… Levende wezens (= menszijnde) zijn ge­lijk­waar­dig aan elkaar om welke reden niemand meer is dan een ander, maar het enige wat de ene mens wellicht meer kan hebben dan zijn andere medemens, is materieel geluk en niets meer.

 

… Daarom is de verstandige mens pas wijs, wanneer men tevre­den is met wat men heeft, ook al stelt het in de ogen van een ander mis­schien niets of niet veel voor.

 

… Wie zich door dit aanmatigend kerkelijk gedrag niet wegge­pest noch geannexeerd wenst te worden, dient dan zijn eigen waarde te behouden door zichzelf te blijven in eenheid met de Natuur, aangezien behoudt van door de Natuur ingegeven menselijke waarden en normen het belangrijkste bezit is in de wisselende geest der tijden."

 

De leer van Vishnuh is vredelievend van aard, maar tege­lijker­tijd schrijft de leer het volgende voor, dat "als het leven wordt bedreigt door fysiek, gees­telijk of door sociaal ge­weld of men doet pogingen daar­toe, moet het dan terstond gedaan zijn met humane plichtsbe­trachtingen en vriendelijkheid is dan ook taboe.

 

... Elk levend wezen heeft het vermo­gen om te veranderen en om overeenkomstig de omstandigheden daarnaar te handelen, maar zij die zich laten leiden door illusie zal de tand des tijds niet door­staan.

 

... Ieder wezen is een individu, ieder is gelijkwaardig, vrouw of man, elk levend wezen is een persoonlijkheid. De rest (z.a. eigenschappen, talenten vaardigheden etc.) zijn natuurgebonden c.q. per­soonsgebonden en hebben niets te maken met geslacht of afkomst. Wij zijn allen mensen / levende wezens die op deze aardbol rondlopen, met dezelfde onzekerheden, zwak­heden, angsten en feilbaarheden.

 

… Maar "academische Ken­nis" zonder "gezond verstand" is waar­deloos, want men kan scholing hebben genoten maar als het verstand ontbreekt is men verder weg van huis. Titels zijn nietszeg­gend, ie­dereen kiest zijn eigen weg, de één kiest voor een aangepaste levens­boek, een ander kiest voor wat an­ders naar eigen inzicht.

 

… Buiten dat heeft niet iedereen "geld verzamelen" als levens­doel noch het vergaren van stoffe­lijke bezittingen, zo heeft het Vishnuh-Genootschap nooit gestreefd naar rijkdom of naar materiële macht.

 

… Alhoewel tegenwoordig alles in het leven een stuk gemakkelijk wordt wanneer men geld heeft, maar wat men niet heeft kan men ook niet uitgeven.

 

 

Daarover zegt de leer van Vishnuh:

 

"Rijkdom is het leven zelf en macht is het streven van de materialist."

 

 

Zonder twijfel en zonder daarbij vragen te stellen, of zonder om een definitie te verlangen neem ik gaar­ne aan dat elk mens geïnspireerd kan zijn (worden) door hypothetische hogere machten of andere goede en kwade geesten volgens de bron van hun Bijbel, heilige­ schriften, epistels, Tripitaka, Bhagavad-Gita etc., die allemaal de voortbrengselen zijn van de menselijke geest. En ik respecteer het feit dat ieder een eigen mening heeft wat niemand anders heeft. Ieder heeft een perspectief dat niemand anders heeft. Ieder heeft het recht van zelfbeschikking en zelfbehoud. Ieder levend wezen heeft het recht van leven. Ieder is behept met de krachten van de alomvattende natuur.

 

 

Zo zegt de leer van Vishnuh het volgende:

 

"Ieder mens dient de crea­tivi­teit van een andere mense­lijke geest te eer­biedi­gen, mits men anders­denkenden die niet tot hun groep wen­sen te behoren of niet tot een bepaalde groep willen toetre­den met rust laat zodat weder­zijds respect ontstaat.

 

… Wanneer iemand aangeeft dat hij of zij een "God" of Godin is of wat het maar ook zijt, dient men deze persoon op grond van het menszijn onverwijld als zodanig te accepte­ren, maar dan onder voorwaarde dat hij of zij (Godmensgedaante) anders­denkenden geen stro­breed legt en medenaas­ten in het algemeen serieus, gelijk­waardig en eerlijk behan­delt naar de natuurlijke stelling "men dient eerst het goede te denken van een ander alvorens het slech­te.

 

... Daarenboven moet goed en kwaad nooit worden getoetst aan welke religieuze leer dan ook, maar om een heldere kijk te krijgen in deze zaken moet men hiervoor eerst de blik naar bin­nen slaan en het eigen aandeel van wat er zich af­speelt onder ogen zien. De uit­komst hiervan bevor­dert de reali­teitszin waar­door men altijd eerlijk zal staan tegenover het leven zelf en waarin men ook in staat zal zijn om dienover­een­komstig rechtvaardig te hande­len ten opzichte van alle levende we­zens.

 

... Goed en slecht zijn bijproducten van de menselijke geest die door de mens zelf omgeleid kunnen worden tot lusten en-of tot lasten."

 

 

… In een materialistische maatschappij worden de be­grippen goed" en "slecht" vaak gekoppeld aan materiele feiten. Want wan­neer men bijvoorbeeld genoeg financiën bezit, verkregen op welke wijze dan ook, wordt dit meestal als "goed" be­stem­peld, ook al is degene die aan deze verkapte Bijbelse criteria van "goed" vol­doet een witte boorden bandiet en-of verstande­loos bezig. Maar indien men weinig of niets bezit staat deze in de samenleving als "slecht" aange­merkt, en ook wanneer men iets bezit waaraan geen materiële macht noch geld kan worden gere­lateerd dan telt men geenszins mee.

 

... Goed doen voor de ander, of iemand behulpzaam zijn betekent tegenwoordig "zich een heleboel problemen op de hals halen." In het algemeen zijn de meeste mensen ondankbaar, en de ander helpen is ook wettelijk bijna verboden. Dus zelfs de wetgeving die door de overheid wordt gehanteerd zit hypocriet in elkaar zodat men vaak niet meer weet "wat wel en wat niet is toegestaan", alleen de overheid mag alles, want zij staat immers in dienst van God (zie Romeinen 13:1-7 stelt: ...

 

... "Ieder mens moet zich schikken naar de gezagdragers die boven hem staan. Want alle gezag komt van God; ook het bestaande gezag is door God ingesteld. Wie zich dus tegen het gezag verzet, verzet zich tegen Gods verordening, en wie dit doet, roept een vonnis over zich af. Voor de overheid hoef je niet bang te zijn bij een goede daad, maar wel bij een slechte. Wilt u zonder vrees voor het gezag leven, doe dan het goede, en het gezag zal u prijzen. Want de overheid staat in dienst van God, voor uw welzijn. Doet u echter het kwade, dan moet u vrezen; zij draagt het zwaard niet voor niets. Zij staat in dienst van God om aan de boosdoener zijn verdiende straf te geven. Daarom is het nodig dat u zich naar haar schikt, niet alleen uit vrees voor straf, maar ook ter wille van een goed geweten. Om dezelfde reden betaalt u ook belasting; de beambten staan in dienst van God, en wijden daaraan al hun aandacht. Geef ieder wat hem toekomt: belasting en tol aan wie u belasting en tol verschuldigd bent, ontzag en eerbied aan wie ontzag en eerbied toekomen.”

 

 

 

Zo zegt de leer van Vishnuh:

 

Hij en zijn aanhangers zijn schijnheilig tot op het vel;

 

Yell als “Hosanna in den Hoogte” is den kwaadaardigen zo glibberig als gel;

 

Prediken over naastenliefde is bij God en de kerk omgekeerd;

 

Over duivels gesproken, zij die dit beweren projecteren koffie verkeerd;

 

Christen zijn is geen waarborg voor liefde en goedheid;

 

Rariteiten, dat is het geloof in wat er niet is, en dat maakt vermoeidheid;

 

Ikke ikke en de rest kan stikken, is de geijkte leus van het geloof;

 

Ezels stoten zich meerdere keren aan een steen, maar dat is gewoon bijgeloof;

 

Tot Babylonische spraakverwarring en genocide zeggen gelovigen graag vaarwel;

 

Engelen bestaan niet, maar “Bengelen” aan een touwtje dat mogen ze van mij wèl;

 

Na iedere steniging is den gelovige pro absolutie, want Hemel, Walhalla en Hel betekenen voor gelovigen“uitstel van executie.”

 

 

De leren van het Vishnuh-Genootschap

 

De leren van Vishnuh zijn opgebouwd uit duizenden jaren voorou­derlijk empirisme (= wijsgerige opvat­ting dat alle betrouwba­re kennis alleen op ervaring en bevinding berust)op allerlei gebied en eeuwenou­de wijsheden, en daar waar er geen naam voor was werd door het Vishnuh-Genootschap zelf bedacht en van een bevatte­lijke naam en logische verklaring voorzien. Al deze waarnemingen werden vervolgens opgete­kend en eerst alleenlijk gebruikt als waarschuwing, als levenslessen en leidraad ten behoeve van haar eigen clan.

 

... En de religieuze activiteiten die in enkele Lontarboeken van het Vish­nuh-Genootschap zijn onderge­bracht, waarin de op­komst van bijbelgenootschappen en hun gruwelijke werkwijze is uiteenge­zet, behoren nu nog steeds tot de over­drach­telijke erfde­len binnen de eigen orde en zo ging dit over van hand tot hand.

 

… Deze strategie van kennis­overdracht is één van onze overleving methodes waardoor de spirituele levensbeschouwing van het Vishnuh-Genootschap de Natuur heeft over­leefd.

 

... De levensfilosofieën van Vishnuh zijn rijp van geest, en haar eigen­waarde, onbevlektheid en recht­schapenheid jegens de natuur zijn mede door de oorspronkelijkheid van haar levensleren onge­schonden gebleven. Zo zal dit ook altijd blijven zoals analoog de Suwalapatra wordt overgedragen.

 

 

Daarom zegt de leer van Vishnuh:

 

"De natuur zij dank, dat wij in onze werken, denk en leefwijze niet werden ge­ïnspi­reerd noch beschermd door hypo­thetische hogere machten of dergelij­ke, maar volkomen ge­ïnspireerd en beschermd door onze na­tuurlij­ke overle­vings­drang. Wij nemen ieder mens serieus die ons ook serieus neemt. Wij zijn voorts oprecht tegen een ieder voor zover dit verstandelijkerwijs nodig is.

 

... Verder bestraffen wij alleen diegenen die niet anders verdie­nen, en wij res­pec­teren alleen de lieden die ons ook respect beto­nen. Wij "mogen" iedereen ver­trouwen die ons zijn vertrouwen schenkt, maar wij wantrouwen een ieder die onbe­trouw­baar is.

 

Verder houden wij ook van iedereen die van ons houd en wij minachten een elk die zo verwaand is om te denken dat zij meer zijn dan ons. Wij verwelkomen een ieder man of vrouw, die ons goed gezind is en tot onze clan wilt behoren, maar wij beletten hen, die kwaadwillend zijn, om tot ons te komen.

 

... Voorts sluiten wij onze geest af voor allen die in God en in de Duivel geloven, maar wij staan open voor diegenen die het leven en de Natuur welgezind zijn. Wij vechten en bestrijden iedereen die ons zijn wil wilt opleggen, maar wij strijden en komen op voor medemensen die van ons houden en onbaatzuchtig zijn tegen iedereen.”

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 


GODEN BESTAAN NIET

DUIVELS EVENMIN

 

God, Satan of Lucifer, Klopgeesten, Duivels,demo­nen, duis­tere machten en overige, bestaan slechts in de geest van diegenen die er in geloven.

 

... De huidige mensheid moet zich feitelijk behoeden voor het nu aanwezige geeste­lijk geweld, de tegenwoordi­ge werkwijze van "godsdie­naars" en "wets­die­naars" voor de eigen en meer­dere glorie. Het begrip "gevaar" zal in elke maat­schap­pelijke vorm aanwezig en altijd voel­baar zijn. "Gevaar" zal nimmer verdwij­nen want het brein van de mens vertegenwoordigt zelf het gevaar.

 

 

Zo zegt de leer van Vishnuh:

 

"Het gevaar komt van en door mensen en niet van en door goden, half­goden, demonen, Luci­fer, Hel of verdoeme­nis, passa-passa stik en dergelij­ke, welke allemaal afge­leid zijn uit de traumatische geloofs­erva­ringen door bijbelse onderdruk­king van vroeger, namelijk de geno­cide creaties van de reli­gieuze, de hebberige en arro­gante mensheid, aldus verzonnen door kwaad­aar­dige mensen."

 

 

… Het Vishnuh-Genoo­tschap is vrijzinnig, daar zij toen al ter­dege van bewust was dat alle zogenaamde goden stervelingen waren en sowieso de natuur niet zouden overle­ven.

 

... De leren van Vishnuh zijn niet heilig, maar realis­tisch. Alles is verklaarbaar en alles heeft een reden, hetzij natuur­lijk hetzij geestelijk. Welis­waar kan niet alle natuurver­schijnse­len analoog de wetenschappe­lijke weg bena­derd of duidelijk ver­klaard wor­den, maar verstande­lijk denken is het meest logische daar waar een natuurlijke verkla­ring ontbreekt.

 

... Wij (Vishnu­ïsten) hangen geen goden aan, want de goden hebben de natuur niet overleefd. … De Natuur behoort de mens niet toe, maar wij levende wezens behoren toe aan moeder de Na­tuur.

 

 

Zo zegt de leer van Vishnuh:

 

"Het leven is een gift van de natuur, daarom dient men het leven niet te verzieken, maar juist voor een ieder veraangenamen. Het leven is veels te kort om zich enige onaangenaamheden te permitteren.

 

... Al wie het leven beschouwd als een gift van de Natuur en dit eenmalig bestaan wenst te veraangena­men in plaats van te ver­zieken moet durven te leven en niet zijn tijd gaan verspillen met remmende afhankelijkheden.

 

... Men moet dus niet alleen bestaan, want levende wezens zijn indivi­du­en die recht hebben op leven, vrije me­nings­ui­ting, zelf­ver­dedi­ging en vrijheid van keuze.

 

... Een ieder moet toch voor zich­zelf durven opkomen omdat het leven immers een eenma­lige gift is van de Natuur en geen oud-vuil. Dankzij de Natuur, is het leven ooit uit water ont­sproten en zo heeft de Natuur van elk soort levend wezen een proto­type voort­gebracht en elk voor zich met het inzicht en doel in het onder­be­wustzijn­ zijn soort te laten voortdu­ren en produceren.

 

... De goden waren mach­te­loos want zij beza­ten immers niet de macht noch de kracht om de Natuur te over­le­ven en te weerstaan, daarom alleen al, kan de natuur nooit gescha­pen zijn uit inspiratie van en door een hypo­theti­sche hogere macht z.a go­d(en) of half­god(en) waar­van hun be­staans­func­tie tot nu toe nog zeer du­bieus en alsnog volko­men ondui­delijk is; maar de Natuur heeft zichzelf ge­scha­pen mid­dels haar eigen na­tuur­kracht."

 

 

Dit is een onom­stote­lijke waar­heid, het bewijs is gele­verd dat de "goden" feite­lijk gewone ster­velingen waren, die door een kwaad­aardige groep aan­hangers en fanatieke bewon­de­raars in de loop der eeuwen te kwader trouw werden ver­godde­lijkt.

 

... Daarom zullen goden altijd komen en gaan, maar de natuur zal voor eeuwig blijven bestaan als de enige realistische en natuur­lijke levens­bron. En wanneer men het over een superieu­re en onverwoestbare macht heeft, dan be­treft het slechts de enige ware weldadige macht. Dit is de Natuur zelf en niets of niemand anders.

 

… Goden zijn derhalve ficties van de ver­waande en heb­zuchtige mens­heid waaraan überhaupt geen enkele be­staans­func­tie gekop­peld kan wor­den. Maar de Natuur is geen fictie doch kei­harde werke­lijk­heid.

 

 

Zo zegt de leer van Vishnuh:

 

“De goden zijn al eeuwen geleden dood en de natuur leeft nog steeds als de oorsprong en de levensbron van al het leven, dat is, dat was en nog voor zeer lange tijd zeker komen zal.”

 

 

Het gods­be­grip verte­genwoor­digt feite­lijk de onkunde van ge­loofs­belij­ders. Daarnaast fun­geert deze onbe­kwaamheid en het geloof in hypo­thetische hogere mach­ten als een toevluchts­oord en het enige red­mid­del voor de zwakke en labie­le geest. Daar­om zullen alleen de belanghebbenden de Bijbel inter­prete­ren volgens eigen idee, want zoals alle gods­dienst­ge­schriften kan ook deze ten goede (naar eigen goeddunken) of ten kwade (door zelf­verrijking middels machtsmisbruik onder het mom van recht­ma­tigheid en arglist) worden aangewend en ver­klaard. Houdt daarom voor altijd in ge­dachten dat zelfs dwazen wijze woorden kunnen uiten.

 

… Om deze reden dient de onverstan­di­ge mens die wijs is eerst te leren de diver­sitei­ten van het leven te onder­scheiden in wat waar is en wat onwaar is tenein­de zich­zelf en het leven te kunnen begrijpen.

 

... Het eerste ver­eiste wat de mens in zijn leven moet doen voor zijn levensge­luk is door zichzelf te leren ken­nen en begrijpen alvo­rens hij / zij over­gaat tot slaafse navol­ging, want normaliter zijn het niet allemaal koks die lange messen dragen. Mensen zijn verandelijker dan de bladeren der bomen.

 

 

Zo zegt de leer van Vishnuh:

 

"Door epigonis­me (=slaafse navolgerij) ontstaat inderdaad rijkdom aan materiële ken­nis die in werkelijkheid keer op keer de oor­zaak is van gees­te­lijke armoe­de. En geeste­lijke armoe­de leidt onher­roepe­lijk naar de alge­hele ondergang van het leven.

 

… Wil men gevrijwaard worden van geestelijke armoede, dan dient men zich geestelijke kennis te verwerven. Geestelijke kennis en verstand verkrijgt men niet door acade­mische scho­ling of door religie, maar door zelfontdekking."

 

 

De mens doet in het algemeen altijd overal moeilijk over terwijl alles eenvoudig en gemak­kelijker kan?

 

… Alles rondom ons is relatief, want nú is men mis­schien nog maat­schappelijk verge­vorderd of men ­rust nog op lauwe­ren, maar laat het u niet ontgaan dat de dag van morgen net zo relatief is als de dag van van­daag. En wanneer de betrek­ke­lijkheid van dingen zich plotse­ling aan­dient en de dag van de waarheid aan­breekt waarin de mens gecon­fronteerd wordt met zijn eigen denken en ideeën, zal hij in tijd van nood en kommer zijn èchte vrien­den leren ken­nen. Hierdoor zal hij dan gaan inzien en begrij­pen waarom alles betrek­ke­lijk is en waarom enige waar­schu­wing vooraf op zijn plaats is. Dan zal men tot het besef komen waarom men zich altijd daarte­gen dient te verzet­ten enverwe­ren, want het gevaar komt van- en door mensen. De mensheid dient zich altijd tegen kwade machtsinvloeden te verweren. De hiervoor­noemde begrippen geven aan hoe kostbaar het leven feite­lijk is. … Zelfs de natuur verweert zich van tijd tot tijd daar waar verdedi­ging het hoogst nodig en het meest logisch is.

 

 

Daarom zegt de leer van Vishnuh:

 

"Niet de kennis maar het verstand. Kennis en verstand zijn twee diverse gege­venhe­den beli­chaamd als stof. Ver­stand wordt verkre­gen door een combinatie van diverse denk en pedagogi­sche leef factoren.

 

... Verstand is verge­lijkbaar met een blank stuk papier dat naar willekeur beschre­ven kan worden, en dit onbeschreven blad moet beschre­ven worden met geestelijke kennis. Dit is een kwestie van een logisch niet moeilijk te begrij­pen Axioma, en "simpel denken is de sleutel tot het verstand, en verstand verwerft men zich door simpel te denken."

 

 

De leer van Vishnuh heeft ten doel de medemens bewust te maken van de realiteit om zich heen waarin deze wordt geleerd de ­plaats van de mens en alles wat daarin leeft zuiver te bepa­len zodat de recht­vaar­dige mens niet in de vicieuze cirkel opgaat en daarin ver­dwaald. Het Vishnuh-Genoo­tschap opent slechts de ogen van mensen die door hun omgeving via geestelijk geweld worden inge­slui­merd.

 

... Het Vishnuh-Genoo­tschap behoeft van niemand erkenning en is verder aan niets of niemand verantwoording schuldig ten aan­zien van haar levensbe­schou­welijke leren, levensopvattingen, axio­ma's en voorts alles wat de leer van Vishnuh inhoudt in de ruimste zin des woords, omdat het Vishnuh-G­enoo­tschap al be­staansrecht had, lang voordat er op deze aardbol enigszins sprake was van bijbelgenootschappen­, kerken of klopgeest en spookge­zinde splinter­groeperingen.

 

... In een materialistische maat­schap­pij geldt; vandaag wordt men goed­ge­keurd en morgen weer afge­keurd, zo zit een materia­lis­tische samenleving nu eenmaal in elkaar. En wie onder aan de maat­schap­pelijke ladder hangt telt geenszins mee. Maar wanneer men poen heeft dan ver­krijgt men privileges en is men tot bijna alles in staat, omdat men daarbij auto­matisch het vermo­gen heeft om zelfs de eigen goden af te kopen. Daarom zijn de gelovigen ook zo corrupt als de neten.

 

... Nogmaals, politiek is tegenwoordig het nieuwe godsgeloof, ook al weet en be­grijpt men totnogtoe nog niet wat geloof exact is en waarin men eigenlijk moet gelo­ven of waaruit het godsgeloof pre­cies bestaat.

 

... Dit feit is duide­lijk merkbaar aan het nieuwerwets gedrag van ge­loofsbe­lij­ders in hun religieuze of politieke samen­komst, want deze vorm van belijde­nis bewijst slechts één ding; "gelovige mensen zijn zoals wildebeesten kudde­die­ren." Dit omdat de gelovige mens meestal bang is om alleen te zijn. En over het algemeen doet men dik­wijls ergens aan mee uit verve­ling of door de één of ander sociale dwang, omdat men anders het risico loopt door de eigen groep of kring te worden ver­stoten en uitgesloten.

 

... Hiertoe wordt men bang ge­maakt met verzin­sels over de duivel, Satan, Hel en verdoemenis of middels andere fictieve diabo­li­sche demonen. De geesteskracht van het gevangen indi­vidu, door het geloof in een God, wordt zodoende on­der­mijnt waardoor vrijmaking van de geest om zichzelf te zijn altijd weerstand zal ondervinden.

 

... En degenen die daar­toe familie­ge­bonden zijn en zich geestelijk wen­sen vrij te maken, krijgen daarvoor ook simpelweg geen kans, daar men zich midden in de vicieuze religieuze cirkel vertoeft. Men wordt er vaak ge­leefd of men dit wilt of niet. En in overeenstemming met de alge­meen gang­bare opvat­tingen van tallo­ze gods­dienst en politiekstelsels mag de mens zich­zelf niet zijn. Eveneens kent de hypo­crisie van het geloof in hypothetische hogere mach­ten zijn weerga niet.

 

… Reli­gie­lei­ders en hun sympa­thisan­ten zijn net als een stel verwende kinde­ren, want wanneer kinderen hun zin niet krijgen gaan ze meestal stamp­voeten en krijsen, dit doen de gelovigen ook, zij het op andere wijze van dergelijke strekking.

 

... Dit is vergelijkbaar met, wan­neer iemand de sympa­thieën van de kerk of poli­tiek (de regering) niet deelt wordt zijn naam harteloos door het slijk gehaald, of men wordt door de kerk eens­klaps beti­telt als ket­ter, of het is het werk van de dui­vel enzovoort.

 

... Uit gemak­zucht hebben de goden door bestaande en nieu­wer­wetse reli­gieuze stro­min­gen een nummer gekre­gen. God nummer één is hun hoofdgod (hun goddelijke Vader, hiermee wordt feite­lijk de eerste aanstichters van de kerk bedoeld) die zijn volgers heeft aangezet tot ego­ïsme, doodslag en genocide van de onschul­dige mensheid.

 

... God nummer twee is een half­god (hun zoon) die de wrede opvol­ger is geworden van zijn voorganger. … God nummer drie is de "heili­ge" geest, die de labiele mens nog labieler heeft ge­maakt.

 

… Maar wat deze heilige geest pre­cies is en wat deze inhoud? Alleen Joost mag het weten! Bedenk hierbij wel dat de kerk zichzelf daar­mee bedoeld en evenals vroeger steeds zichzelf daarmee zal blijven bedoe­len, want de hiërarchieën binnen de eerste bijbel­genoot­schap­pen van toen en thans waren (zijn) de kwaadaardige goden en heili­ge geesten persoon­lijk (= de vroegere godsdienststichters.) Een primitief soort testament dat door de goedgelo­vige Jacob liever over het hoofd wordt gezien.

 

... De drie hiervoor genoemde goden die krachtens bijbelse interpretaties een eenheid vormen (de drie-eenheid), kunnen als voor­naam en zeer popu­lair worden be­schouwd, daar zij samen de bij­naam "SCHIJN­HEI­LIG­HEID" dragen.

 

... Maar vergeet vooral de andere kwaad­aar­dige door bijbelgenoot­schappen zelfbedachte bij­belse goden niet en definieer de begrippen die op dezen van toepas­sing zijn die bijbelge­noot­schappen en hun aanhang middels bedrog en arg­list eeuwenlang onder het volk hebben ge­bracht.

 

… Bijvoorbeeld, zoals "God" nummer 666 hun bijbelse "God" van materiële hebzucht en jaloe­zie. Dan heb je "God" nummer 999, dit is in feite hun demoni­sche "God" van ongekende wreedheid en meedogenloosheid.

 

... Verder nog hun "God" van geweld­dadig­heid en onder­druk­king. "God" nummer 777 van geeste­lij­ke armoe­de en ellende enzovoorts.

 

... Dit zijn allemaal soortgoden die ooit geschapen zijn door bijbelgenootschappen­, kerken en aan­hangers op grond van eigen be­lang, egoïsme, eerzucht, hoogheidswaan en machts­wel­lust waarbij zij hun God(en), halfgo­den, bozegees­ten etc. als leidsman van hun wandaden hebben aangesteld.

 

... Alle voor­noemde zogenaamd heilige nummers zijn door ge­loofs­belijders zelf verzonnen, met het oogmerk de goedgelovige mens nog goedgeloviger, dommer, labieler en banger te maken.

 

… Zo werd het Latijn (het is immers bijbelse taal die samengesteld is uit vroegere in­heemse talen) die bijbelgenoot­schap­pen mondiaal gezien zelf hebben verzonnen en gelanceerd in de re­nais­sance = hernieuwing van levensopvat­ting en kunsten onder invloed van de klas­sieke oudheid en andere levensver­schijnse­len in lite­ratuur, mode, kunst (Gods)geloof, enz. het begon alle­maal voor het eerst in Italië in de 15de en 16de eeuw.

 

… En het eindresultaat van al het brouwen met taal, volk, cultuur en ge­schiedenis is verworden tot" een Grote Religieuze Puinhoop."

 

... In de tijden van weleer, en zelfs nu nog, werd de religieuze mensheid verzadigd door het aantal voorradige goden. En als die zich nu eens waardig hadden gedragen, dan was er misschien nog iets goed van te zeggen; doch nee integendeel, de door de eeuwen heen aanbeden goden en hun (door zichzelf uit geroepen) aardse gezagvoerders, waren alles behalve vredelievend, men raasde, tierde en vervloekte waar het maar kon.

 

... Hierbij at men zich letterlijk te barstensvol en bezatte zich tot de eigen goden kop letterlijk op barsten stond; men dobbelde om mensen, en handelde naar eigen lust in mensen, de één wenste een nog groter gebouw dan de ander. De één vond zichzelf volmaakter dan de ander; de één vertrapte het „gepeupel’’ onder hem nog erger dan de ander, en zo kan ik nog in een ellenlange tirade doorgaan over het menselijk godsgedrag van eeuwen geleden, doch ik volsta liever met de onderstaande zin.

 

... Onthoudt, dat wanneer een Rooms-katholiek, Moslim of anders godgelovige met zijn wijsvinger naar een andere gelovige wijst, wijzen er altijd drie of meerdere vingers automatisch naar zichzelf waarvan de katholiek geijkt is op drie vingers volgens de drie-eenheid.

 

... Kijk derhalve goed uit naar de actuele religieuze mens, bij wie in het algemeen men een regelrechte letterlijke weerspiegeling en nabootsing van het verachtelijke gedrag bespeurt van de goden van weleer. Met andere woorden, het merendeel van de huidige religieuze mensheid heeft door al die eeuwen heen niets maar dan ook niets geleerd van haar voorouderlijk verleden, doch ze zijn slechts regelrechte imitators geworden van dat stelletje opportunisten daarboven met hun gezagvoerders hier beneden.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Hierbij zal ik U enkele gebruiken beschrijven welke zijn overgenomen uit bijgeloof en uit heidense overlevering van vroeger die men later in de geschiedenis heeft verkwanseld tot een religie ontstaan gebruik. Nu laat mij dan maar eens de ware feiten gaan beschrijven: - het geloven in een hemelgod dateert reeds uit 4000 v. Chr.

 

… Griekenland had, Zeus Pater, oftewel vader van de hemel, eveneens God van strijd en triomf. Het oude Griekenland had Hyperion een der Titanen, deze was de vader van Helios-zonnegod; vader van Selene godin van de maan- de tovergodin, welke men later de naam Artemis gaf, en weer later de naam Heclulatus; vader van Eos- morgenrood- de dageraad; en grootvader van phaëton- de schitterende.

 

…. En dan had je ook nog Gaea- oftewel Gé- in het Grieks Gaia- welke in het oude Griekenland de rol van de godin-moeder Aarde zij ontstond na chaos en bracht Uranus de hemel voort, en werd de moeder der Titanen, Cyclopen en Hecatonchiren, en in latere tijden eveneens van de Erinyen, de Giganten en van Typhoeus, welke allemaal monsters waren.

 

… Chloë- gr.de groenende- in Aticca één der verschijningsvormen van Demeter, voornamelijk als beschermster van het jonge groen.

 

… Chimaera 1- gr. myth. Vuurspuwend monster met leeuwenkop, geitenlichaam en drakenstaart- teisterde Lichë- tot het gedood werd door Bellerophon met behulp van het paard Pegasus.

 

… Rome had Jupiter als de hemelse vader en eveneens God van de strijd en overwinning.

 

… Egypte had Amon de hemelvader.

 

… Baälbek had Helio-politanus, zonnegod en vader van de hemel.

 

… Doliche-Commagene had Dolichenus.........

 

… Scandinavië: Fenrir- een reuze wolf- zoon van Loki, die goden en mensen bedreigde, werd overmeesterd door de goden en vervolgens met de aller grootste inspanning van de goden diep onder de aarde aan een rotsblok gebonden; deze zelfde Fenrir zou bij de godenschemering in de laatste strijd, Odin verslinden en daarna op zijn beurt door Widar worden gedood.

 

… De oude Grieken: Selene- maangodin en tovergodin - zuster van Helios (zon)- in latere tijden vereenzelvigd met Artemis en Hecate.

 

… De Silenen: Bij de oude grieken oorspronkelijk woudgeesten verwant aan de saters- bij de uitbreiding van de Dyonysus-cultus in Griekenland werden de silenen en saters zijn volgelingen.

 

 

1. Wierook:

 

Denk maar eens aan de wierook gebruik van de kerk, een gebruik dat dateert uit de heidense reiniging en voodoo- rituelen, de geestelijkheid vond het voodoo een gevaarlijke ontwikkeling maar besefte dat ze dit gebruik nooit zouden kunnen stoppen dus namen ze er aspecten uit over en vermengden dat met gebruiken uit hun eigen bijbel.

 

... De katholieke kerk hanteert dit gebruik zelfs nog in deze tijd, daarna gaven ze alsnog de verklaring uit dat voodoo een duivels gebruik zou zijn en geboden hun slaven om dit gebruik af te schaffen, iets dat tot op heden niet gelukt is.

 

 

2. Gebedskralen:

 

Het gebruik van gebedskralen is overgenomen van de zich later afspelende hindoe-religie, de boeddhisten en de jaina’s, men leerde zichzelf om onder het aanroepen van de naam visnoe of sjiva de gebedskralen die in rijen van 12 keer 9 worden opgesteld, aan te raken, dit levert een door hen geliefd getal van 108 op.

 

… Vanaf de beginperiode van deze religies waren de Vishnu­ïsten reeds vertrokken en de gebedskralen zijn dan ook door de beruchte kruisridders Europa binnen gebracht.

 

 

3. Offers:

 

Wat dacht je van het bekende geldzakje dat ze bij de kerkdienst rond laten gaan, men geeft een offer aan de kerk, een gebruik dat reeds werd gehanteerd door de bevolking van 40 millennium v. Chr. alleen werd er in plaats van aan een God een geste voor de natuur gedaan.

 

 

4. Carnaval:

 

De Germanen vierden altijd lentefeesten in het vroege voorjaar. Ze hoopten op die manier een rijke oogst te krijgen. Het waren avonden met rijkelijk eten en drinken, muziek en dans, met maskers op werden er opvoeringen en zwaardgevechten gehouden.

 

... Tijdens de religieuze overheersing heeft men er een feest voorafgaande aan een 40 dagen vastenperiode gemaakt, zoals gewoonlijk hebben de geestelijken ten behoeve van de zelf geschreven religie, de Germaanse naam van het feest ’Faseln (gedijen)rijke vruchten voortbrengen “ lente- verandert in de naam Vastenavond, waarbij deze bijgelovige geestelijkheid met cijfer 11 (dat zij zelf als het symbolisch getal van de dwaasheid zagen) een gekkengetal noemden.

 

... Daarom beginnen de lange voorbereidingen van dit feest altijd op de 11de dag van de 11de maand.

 

 

5. Vasten:

 

Overigens had die zelfde geestelijkheid de eerste dag (woensdag) na carnaval uitgeroepen als de dag van boetedoening, een dag waarop de gelovigen een kruisje van as op het voorhoofd getekend kregen als teken van rouw en boetedoening.

 

... De genoemde 40 vastendagen worden alleen nog gebruikt door de moslims onder de term ramadan, maar dan wel in de maand september.

 

… Er zijn maar weinig religieuzen / Christenen die zich in deze tijd nog letterlijk houden aan het vasten op zich, dit is heden geworden tot een Islamitisch gebruik en van enkele andere bestaande religies, zij het in een aangepaste vorm uit kracht van een zelfbedachte godsdienst usantie.

 

 

6. Kerst:

 

Het kerstfeest gebruik dateert uit een heidens Germaanse lichtfeest dat gehouden werd ter ere van de onoverwinnelijke zon; welke men later een katholiek tintje heeft gegeven omdat de bevolking te gehecht was aan dit gebruik.

 

... De tot het geloof bekeerde bevolking wilde hier niet mee stoppen en de religieuze leiders zagen er een mooi pressiemiddel in om het volk te kunnen manipuleren. Men begon het geloven in Christus te zien als het licht van de wereld en plaatste dit in de donkerste tijd van het jaar en wel op 25 en 26 december.

 

... Overigens werd deze geboorte van jezus allereerst gehouden in de tweede eeuw n.chr. op 6 januari en wel tijdens het driekoningenfeest. De viering in december dateert vanuit de vierde eeuw na Chr.

 

 

7. Verjaardagen:

 

Het vieren van verjaardagen is eveneens een gebruik dat zijn wortels heeft in‚ heidense gebruiken en wat dacht je van het gebruik bij trouwerijen namelijk- iets blauws, iets ouds, iets geleend en iets nieuws, wanneer een bruid dat draagt dan zou ze gelukkige afloop van de dag en een voorspoedig en vruchtbaar leven verkrijgen.

 

 

8. Sint-Lucia:

 

Dit feest wordt voornamelijk in Zweden gevierd en wel op 13 december. Het verhaal erachter is als volgt een jonge Siciliaanse vrouw genaamd Lucia zou met een jonge man trouwen, haar moeder was ernstig ziek, deze genas echter en vanaf die dag besloot Lucia om eeuwig vrijgezel te blijven en al haar geld aan de armen af te geven.

 ... De jonge man werd echter woedend en klaagde haar aan bij de autoriteiten die haar op hun beurt lieten terechtstellen. Op het genoemde feest trekt de oudste dochter van het huis s ’morgens vroeg een witte jurk aan en zet daarbij een kroon met vijf brandende kaarsen boven op haar hoofd en maakt haar familieleden al zingend wakker en vraagt ze om deel te nemen aan het ontbijt met koffie en Lucia katten ( broodjes met rozijnen als ogen.) Op deze dag worden tevens optochten en gezellige bijeenkomsten gehouden, waarbij men het traditionele Italiaanse Sint-Lucia zingt. Wat zijn gelovigen toch sadisten, door blij te zijn met de onrechtvaardige dood van een ander.

 

 

9. Sinterklaas:

 

Dit feest is afgeleid van het Germaanse Wodan feest welke rond de kortste dag van het jaar werd gevierd en daarom ook wel het midwinterfeest werd genoemd, de geestelijken hebben de naam van Wodan veranderd in de naam van een in Turkije levende bisschop die door de kerk (omdat genoemde bisschop door veel koop- en zeelieden werd geëerd) tot een beschermheilige was uitgeroepen.

 

 

10. Valentijnsdag:

 

Tijdens de regering van de romeinse keizer Claudius de 11de werd er jaarlijks een feest gehouden waarbij de namen van meisjes in een doos werden gestopt en waarna iedere jongen een naam van een meisje eruit haalde om vervolgens met haar als danspartner feest te vieren, overigens is de naam Valentine ontleend van de namen van drie kerkelijke martelaren uit voornoemde keizerlijke periode. Later aan het begin van de 14de eeuw zat in de Tower van Londen de Franse Charles Duc d-Orleans, hij zond zijn vrouw liefdesgedichten welke hij valentines noemde. Sinds dien heeft men het jaarlijkse wederkerend gebruik van het sturen van geschenkjes en gedichten ingesteld op 14 februari.

 

 

11. Vuurwerk:

 

Vuurwerk afsteken op oudejaarsnacht - dit gebruik is overgenomen door toedoen van Marco Polo, deze heeft tijdens zijn reizen naar China, vuurwerk naar Europa meegenomen en het gebruik van afsteken op oudjaar als zodanig nageaapt.

 

... Bij het Chinese feest gaat het door middel van het tegelijk afsteken van vele vuurpijlen en vele grote van rotjes gemaakte matten, om het verjagen van boze geesten (waaronder een vreselijk monster genaamd Nian), die s ’nachts in de winter de omgeving onveilig maakte, men was er zo bang voor dat men binnen bleef totdat men ontdekte dat dit monster bang was voor rode kleur, vuur en lawaai. Vanaf toen wist men wat men had te doen, zodat met het nieuwe jaar de goede geesten naar binnen kunnen.

 

12. Getallen

 

De geestelijkheid uit de oudheid en met name de katholieke kerk had voor vele nummers een verklaring die meer op de eigen bijgelovigheid dan wel op gelovigheid berustte.

 

… Het eerder genoemde getal 11 weet U al en er zijn er meer, neem het getal 13 dat wordt het duivels getal oftewel het ongeluksgetal genoemd en wel omdat het een ondeelbaar getal is dat direct na een heilbrengend (12) getal komt.

 

... Neemt het getal 3, men heeft een vader, zijn geest en zijn zoon de wel bekende drie-eenheid gemaakt. Het getal 7 wordt het getal van volmaaktheid genoemd en wel drie +vier =7, je hebt de drie-ene god+ de vier aardse elementen is zeven. Dus „geloof, bijgeloof en geloven leiden slechts tot verspilling van krachten en verkwanseling van kostbare tijd en energie.

 

… Nu weet u ook wie de eerste religieuze stappen maakten tot we­reld­wijde men­sen­rechten­schendin­gen en volkeren­moord door de eeuwen heen.

 

… Nu weet u ook wie de rechtstreekse afstammelingen zijn van de bijbelse witteboorden criminelen en waar de eerste bijbelge­noot­schap­pen hun ont­staan vonden en nu nog bestaan (het Vati­caan.)

 

… De gelo­vige mensheid moet zich feitelijk heel diep schamen voor het ont­stane feit dat zij nu nog de leer van degene aanhangt (de assasins van het geloof in de Joodse "God") die hun voorou­ders op allerlei afgrijselijke wijze onverbiddelijk heeft verne­derd en ver­nie­tigd, zelfs nu nog.

 

Lang voor­dat Germa­nen op rooftocht uitgin­gen en nog in holen woonden (holbewoners), was het Joodse volk evenals haar bescha­ving vèront­wik­keld. Later in de ge­schiede­nis hebben Germa­nen (het begon allemaal in Italië) ­de Joodse kronieken inge­lijfd en daarna ondernamen zij van tijd tot tijd vijandgezinde stap­pen om de Joden te doden.

 

... En de Paus heeft, voordat de tweede wereld­oorlog aanbrak, de Duitse demagoog en katholiek Adolf Hitler geze­gend en deze aangespoord tot uitroeiing van het Joodse ras en afslachting van anders­denken­den teneinde de alge­he­le onder­gang van het Joodse volk te bewerk­stelli­gen, zodat de waarheid van hun godsdienst evenals de af­komst ervan voor de wereld verborgen blijft.

 

… Het gemoed van de mens herbergt de levende fantasie, en wie dringend behoefte heeft aan sores en ellende, zijn God en de kerk de beste keus!

 

... Denk daartoe aan de talrijke oude be­schavin­gen en volke­ren zoals het Incarijk en volk, dat door de Span­jaarden op beest­achtige wijze werden uitgemoord; en denk aan de Oos­terse volkeren van het vroegere Mesopotamië, die door en met behulp van het katho­liek­ geloof met ge­schie­de­nis en al werden uitge­roeid.

 

... Dit beestach­tig en onmenselijk gedrag was door de eeuwen heen eigen aan het karakter van geloofsbelij­ders, die dit alle­maal uitslui­tend creëerden uit ego­ïsme en stoffe­lijk gewin, en met grote minachting voor het leven. Dit waren / zijn de kwaadaardige religieleiders in hoogsteigen persoon, dus de goden, waar de gelovige mensheid het steeds over had / heeft.

 

 

De leer van Vishnuh zegt:

 

"Een ieder die heb­zuch­tig is en als gevolg daarvan ande­rsden­kenden onder­drukt, fysiek en geestelijk geweld aandoet of zonder geldige reden doodt met het doel de ander zijn wil op te leggen, kan zonder twijfel geheel als onbekwaam en goddelijk (=zeer kwaadaardig) worden be­schouwd."

 

 

Deze onkunde werd vroeger alsook heden ten dage nog steeds uitgelegd als Karma (het noodlot.) En als godsbe­lijders tij­dens hun roof­tochten een vinger kregen van de ander pro­beerden zij veelal uit alle macht en met de midde­len die hen ter beschik­king staan (de Bijbel als gods­woord en namens zijn wil die moge geschie­den) het verlangde te verkrij­gen. En het aller­liefst eigenen zij in het geniep zich de hele arm toe omdat dit soort praktijken het daglicht niet kan verdra­gen.

 

… Om even terug te komen op de paus; daar waar ge­boor­tecontrole en inhouding het no­digst zijn (derde we­reldlanden) verbiedt de paus in zijn hoogmoed de pil, wel wetende dat hij minder volge­lingen zou krijgen wanneer men wel alsnog de pil zou gaan gebruiken, immers iedere rechtge­aarde Katho­liek is verplicht om zijn kerk een maande­lijkse ver­goeding te geven, logisch dat de Paus de kaas van zijn brood niet laat weg-eten.

 

... De algemene leus als dekmantel van bijbelgenoot­schappen en kerken luidt daarbij als volgt; hoe dommer het volk hoe geloviger het wordt.

 

... Men kent de verhaal­tjes wel waarmee kerkleiders vanaf de ontstaansgeschiedenis van de Bijbel hun eigen kerkgemeen­schap hebben zitten indoc­trineren o.a. "als het regende dan waren dat naar hun idee de enge­len die vanuit de Hemel op aarde piesten", wordt iemand verkracht of gemolesteerd, dan was dat de wil van hun "God."

 

... En sterft iemand op wreedaar­dige wijze door toedoen van een ander of op welke andere wijze dan ook, dan was dat alweer hun "God" die de mens tot zich geroe­pen heeft. Dit omdat God dan zogezegd in de hemel gebrek zou hebben aan bouwmaterialen. Bij alles wat de mens nega­tiefs of positiefs overkomt, was dat hun "God" of de Heer Jezus die daar op de één of andere manier de hand in had. Bij alles wat de ge­loofsbelijder uitspookt of overkomt wordt toege­schre­ven aan het werk van hun sadistische "God".

 

... Hoe denkt men anders op welke manier de katholie­ke kerk en andere geldende vooraan­staande reli­gies aan hun rijkdommen zijn geko­men? Slechts door bedrog, geweld, onder­druk­king, arg­list en volke­renmoord door de eeuwen heen.

 

... Denk hiertoe maar even terug aan de tijd van de Spaanse inquisi­tie en aan andere door bijbelgenootschappen en sekten ge­voerde veroveringsoorlogen sinds Bijbelse tijden.

 

... Vergeet hierbij niet dat deze hun rijkdommen hebben ver­kre­gen door bloed­schande en door het weder­rechtelijk toe-eigenen van ander­mans have en goed en middels vernietiging van ander­mans leven namens de wil van hun kwaadaardige "God".

 

... Hetwelk men huidig doet ten aanzien van hulpactiviteiten aan derde we­reldlanden betreft slechts het sussen van het mense­lijk gewe­ten en tegelijkertijd wordt de armlastige bevolking een Bijbel in de hand gedrukt.

 

... Natuur­lijk proberen geloofsbelij­ders in samen­werking met hun reli­gieuze regeringsleiders mondiaal gezien een rook­gor­dijn op te houden als goeie jongen en filantroop, maar onder­tussen gaat men, van die hulp­gele­genheid gebruikma­kend, rustig verder met het verwoesten van andermans leven door invoe­ring van hun inmiddels aangepas­te religie en wetboe­ken die allemaal op grond van chris­te­lijke normen en door bijbel­se inspira­tie werden herschreven, geheel gecom­ple­teerd met chris­telijke democratie of wat de maatschappij zelf daaronder begrijpt. En dit allemaal is gewetenloos ver­werkt in huidige rege­rings­stelsels, en ondertus­sen worden de on­derda­nen grondig uitge­buit ter­wijl de regering elders de gulle gever uit­hangt uit puur per­soon­lijk be­lang. Het is evident wie de Farizeeërs van vroeger in deze tijd zijn?

 

… De leer van Vishnuh is ervoor om een ieder de weg te wijzen die tot zich­zelf wensen te komen en wakker wordt geschud zodat men ten gevolge hier­van het realisme van de wereld en de verbondenheid met de baar­lijke natuur tij­dig inziet.

 

... Misbruik van voorou­der­lijke leren door kwaad­aardi­ge perso­nen heeft in de loop der geschie­denis ertoe geleid dat men oude ge­schriften met voor de mens nuttige levensbe­schouwe­lijke leerstellingen en levensvat­bare zienswij­zen verkeerd of naar eigen inziens is gaan inter­preteren en te boek gesteld.

 

... In voorbij­bel­se tijden had iedere bevol­kings­groep een eigen versie over het ont­staan van het univer­sum en van het leven, en elk voor zich benoemde toen een element van de natuur als hun "God".

 

... De India­nen bijvoor­beeld hadden Manitou als hun hoofdgod (de aardse na­tuur.) De Ger­manen hadden Wodan (de Germaanse opper­god), Thor etc., en evenals de bijbelse verhalen kenden zij ook een plaats van voorspoed en een plaats van onophoude­lijke straf.

 

... Deze oorspron­kelijke overle­vings­leren, familiekronieken zoals sagen, vergelijkingen en dergelijke, werden aanvanke­lijk door stamou­ders ontwikkeld om zo­doende de eigen groep bijeen te houden, maar ook voornamelijkuit de noodzaak om te overleven tenein­de de realiteit van alledag­ niet uit het oog te verliezen. En één van de voor­naamste voor­waar­den om te overleven was; door altijd te handelen overeen­kom­stig de leef, natuur en gevaarsaspecten. De hiervoor­genoemde aspecten komen duidelijk naar voren in de Germaanse mytholo­gie.

 

… Let wel: niet de Germaanse versie die geloofsbe­lijders tijdens hun machtsontwik­keling hebben zelfbe­dacht om de inheemse Romaanse en andere voorou­ders in te pal­men en voornamelijk dienden ter vernedering van de inheemsen, maar de authentieke Ger­maanse leer waarin de leef­wijze van diverse Germaanse volkeren, stamvaders en stam­moe­ders staan beschreven, bevat­ten nog de originele feiten met betrekking tot de stamva­ders Wodan, Thor, Frija, enzovoorts. Deze voor-Bijbelse leer is veel ouder dan de Bijbel welke het authen­tieke ver­haal behelst van het Ger­maan­se ras, hun stamou­derlij­ke le­vensleer (de Ger­maanse godenleer en levensfi­losofie) die besloten ligt in vele oude en moder­ne staatsgods­dien­sten.

 

... Het is ongetwijfeld een zeer grote schande (erfschande) dat sommige volkeren hun stamouderlij­ke godenleer hebben verdrongen en deze vervangen door een nieuw ontworpen levensbeschouwing (het boek=Biblia.) Deze manier van slaafse navolgerij door de moderne profiteurs getuigd verre van respect jegens hun voorouders / stamou­ders.

 

… Epigonisme deed aanvankelijk haar intrede vanaf het moment waarop bijbelaan­hangers uit winst­bejag de Bijbel schiepen, die zij later in de ge­schiedenis nog verder hebben uitgebreid voor egoïstische (lees kerkelijke) doel­einden. Bijna iedereen wilde meeprofiteren of ze nou gelovig waren of niet, en veel later werd dit gemeengoed onder de onderdrukte volken zodat heden ten dage voor niemand meer duidelijk is -wie wel en wie niet te vertrouwen is- in de Christelijke dan wel religieuze maatschappij.

 

 

 

Daarom zegt de leer van Vishnuh het volgende:

 

"Heb­zucht en Eerzucht kan de mens dwaze en kwaadaardige dingen doen geloven."

 

 

Maar de mensheid kan alsnog "iets" terug doen door haar eigen stamou­ders te rehabi­lite­ren, want nu staat de 20ste eeuw in een tijd waarin Jan, Pieter, Klaas en alleman beweren geïnspi­reerd te zijn door "iets" of door onver­klaarbare krachten; of ze hebben het licht gezien door Jezus of beinvloed door hun "heilige maagd (= meisje)Maria, enzovoorts.

 

… Daarom is het ingevolge mijn gevoel nu ook de juiste tijd dat iemand het opneemt voor zijn Germaanse of andere stam­ou­ders, name­lijk Wodan, Thor, Donar, Arjuna, Krishna-murti, Kwakoe, Joliceur, Boni en nog vele anderen. Besef hierbij wel dat men­sen ook door stam­ouders kunnen worden geïnspireerd en geleidt.

 

… Het Vishnuh-Genootschap zal een ieder onder­steu­nen die het goede uit hun Bijbel (levensfi­lo­sofie) zien en deze goede din­gen over­een­kom­stig de reali­teit en leef­omstan­digheden over­draagt aan mede­naasten.

 

... Later in de ge­schie­denis (anno 1520) toen het oude en het nieuwe testa­ment respectievelijk her­schreven en geschreven wer­d door bijbel­genoot­schappen, gingen vele wereldvolke­ren indivi­du­eel en of groepsgewijs even­wij­dig van elkaar een eigen rich­ting op ten­einde zich een andere identi­teit eigen te maken, om zich­zelf te aarden in een nieuwe levens­leer, om hun eigen ik via een andere weg te ontdek­ken en-of om zichzelf te vinden.

 

... Zo hebben vele volken hun heil in de Bijbel en-of in het Sata­nisme gevonden of zich geschaard onder invloed van andere vreemde goden, spoken, demonen en wezenloze creaturen, of zich geschaard in combina­tie van deze alle­maal (=de sektarische bele­ving.)

 

Let wel, dat het begrip sekte ook te pas en te onpas wordt gebruikt, want dat begrip is afkomstig uit het Latijn (dus alweer bij­bels) en SEKTE betekend; "groep personen verenigd rond een religieus idee en/of reli­gieuze leidersfiguur, meestal als afscheiding van een grotere gods­dienstige stroming".

 

... De leer van Vishnuh is geen "Godsdienst", maar een overlevingsleer opdat de mens zichzelf beter leert kennen en de plaats van de natuur en al wat daarin leeft zuiver leert bepalen.

 

... Het is de mens eigen om be­vreesd te zijn voor het onbekende, want als de mensen de dingen niet kun­nen veranderen, dan veranderen ze de woorden, zoals de genoot­schappen op religieuze grond­slag duizenden jaren lang hebben ge­daan en tot thans nog doen. Zo waren er ook Oosterse volksstammen die voor een andere ­weg ko­zen, en anderen bleven hun eigen stamou­derlijke leren trouw zoals het Vishnuh-Genootschap, die voor de midden­ en neu­tra­le weg koos, n.l. "de stamou­derlijke leren van Vishnuh".

 

... En deze voor­ouders zijn hierin gebleven, trouw, stand­vastig en vol­hardend tot het bittere eind, zonder daarvoor onschuldige wezens onrecht te hebben aangedaan.

 

... Het Vishnuh-Genootschap is vrien­delijk en respectvol tegenover iedereen als levend wezen zijnde, behoudens in gevallen waarin van het genootschap op generlei wijze gevergd kan worden deze gedragingen na te leven ten opzichte van iemand die op blijk­bare wijze onge­oorloofd wangedrag heeft getoond / toont jegens de ander, aldus op basis van rechtvaardigheid onder geen beding in de gelegenheid mag worden ge­steld tot toetre­ding, dan wel ook niet in aanmerking kan komen voor lief en lank­moedig gedrag.

 

... Het Vishnuh-Genoo­tschap is humanis­tisch, menslie­vend, vrijzin­nig en daar waar het nodig is hard maar recht­vaar­dig.

 

De stelling van het Vishnuh-Genootschap luidt als­ volgt:

 

... "Wel verge­ven maar nooit en te nimmer vergeten omdat al hetwelk vroeger ge­schied­de door toedoen van ver­waande mensen telkens weer door de menselijke heb­zucht en drang naar macht voor herha­ling vat­baar is en derhalve nooit zal ver­jaren zolang er hebzuchti­ge en kwaadaar­dige mensen op deze aard­bol rondlopen.

 

... Wees daarom te allen tijde bedachtzaam, want de hebberige en verwaande mensheid is ver­strikt in een wirwar van kwaadaar­digheid naar hun eigen denken en overeen­kom­stig hun eigen waan­ideeën.

 

... Zo zullen zij in hun godsdienstig gedrag steeds in her­haling vallen doordat zij vastgeroest zijn in hun gods­dienstwaanzin.

 

... De mensheid heeft geen ellen­de meer nodig, maar vrede inclusief alle deugden wat men maar bij­een­ver­zinnen kan z.a. voor­spoed, geestelijke rust, geluk en liefde. En alle goede din­gen die ons automatisch toekomen vanwege onze verbondenheid met deze aardse Natuur zijn slechts bijza­ken. Wij komen toch al deze dingen tegen op onze weg, omdat wij (alle levende wezens) deel uitma­ken van de tijd en zijn hieraan vastgeke­tend.

 

... De tijd beweegt niet vooruit noch ach­teruit, maar wij levende wezens verplaat­sen ons langzaam maar zeker in de tijd.

 

... Ten aan­zien van Vrede tussen mensen onderling dient de mens het pad der ge­rechtig­heid en vrede niet alleen na te stre­ven, maar ook daadwerkelijk betrachten. Alleen "het na­streven is taboe", maar "betrachten" bete­kent leven.

 

... Verder dient men de vrede­lie­vend­heid waarmee men hulp­behoe­venden tege­moet­ komt be­schou­wen als zijn knecht. Zo zal een ieder die recht­vaar­digheid betracht en deze beschouwd als zijn knecht, altijd de on­rechtvaardige mens blijvend overleven".

 

... "Vrede" tussen alle mensen is haalbaar door onder­lin­ge samen­wer­king, het betrachten van harmonie in weder­zijds res­pect, het toepassen van begrip en naastenliefde.

 

... Dat wil zeggen dat de mens door het toepassen van naas­tenlief­de op zijn even­naas­ten de weg zal weervinden naar saam­ho­rig­heid, recht­vaar­dig­heid en onderlinge verstand­houding. En alle hier­voor­ge­noem­de goede menselijke eigenschappen zitten feitelijk in de mens ­zelf (=ieder individu) ver­borgen die de gezamenlijke factoren van "Vrede" en "goed" omvat­ten.

 

 

Zo zegt de leer van Vishnuh:

 

"Zelfdis­cipline is een waarborg voor oprechtheid en voor een goed be­staan met alle natuurwezens. Door zich aan een gezon­de zelf­tucht te onder­werpen zal het individu in staat zijn om in elke situatie keer op keer enkel en alleen datgene toe te laten wat voor het individu naar alle redelijkheid en bil­lijkheid toe­laat­baar, verant­woord en gewenst is. Zodoende zal de indi­vidu niet de nei­ging krijgen tot overdrij­ven, want overmaat schaadt. Alles wat "teveel" is, is in feite ongezond, met uitzonde­ring van enkele begrip­pen o.a. "terecht" en "tevre­den."

 

 

Zij die in alle op­recht­heid recht­vaardigheid betrach­ten en deze op basis van het morele recht te gelde maken en het doel nastre­ven van abso­lute kennis van de geest, bezit­ten reeds het vermo­gen om te volhar­den tot het bitte­re eind onge­acht de diverse gevaars­as­pecten in de wisse­lende tijdsom­standighe­den".

 

Voorts moet de mens zich vooral geen illusies maken met betrekking tot de be­staande verstarde orde, want de zoge­naamde “rechtsorde” welke gehanteerd wordt door de hedendaagse politiek is hoofdzakelijk ervoor bedoeld om de recht­vaar­dig­heids­stel­sels te ontdui­ken. Rechtma­tigheid is te­genwoordig bijna overal in en rechtvaar­dig­heid is zoals van­ouds nog steeds taboe.

 

... In een rechts­staat wordt recht­matigheid naar eigen idee getolereerd dan wel uit­bundig toegejuicht en recht­vaar­dig­heid wordt rigou­reus be­straft. En de meerder­heid van de slachtoffers van wille­keu­rige demo­cra­tie, democra­tische uit­bui­ting en bu­reau­cra­tische onder­druk­king zullen zoals altijd weer de gewone en arme bur­gers zijn, maar de eliteklasse zal normali­ter alweer de dans ontspringen zoals al vaker in het verleden is voorge­komen.

 

… Houdt er rekening mee, dat tijd en ruimte einde­loos zijn. Daarom dient de ver­standige mens die wijs is altijd eerst het onge­duld volledig te verbannen door rustig af te wach­ten tot de tijd om te handelen aan­breekt. Houdt omwille van de realiteit daarom voor altijd in gedach­ten, dat de definitie en het eind­resultaat van Religie en Goden is; de vernietiging van de aarde; het einde van alles wat leeft; het einde van de wereld; “Goden bestaan niet en Biblia is Nep."

 

 

Zo zegt de leer van Vishnuh:

 

"Wij zijn Vishnuïst; voor ons bestaan geen grenzen; onze ogen zijn wijd open; ons blikveld is wijdverbreid en geestverruimend; nooit meer kruistochten; nooit meer rassenonderscheid en rassenhaat; de gelovige mensheid richt zichzelf ten gronde en is als een eendagsvlieg. Het enige recht dat de godsdienstige mensheid werkelijk nu nog heeft, is het recht van zwijgen, meer niet!"

 

 

Alhoewel de geschiedenis heeft uitgewezen dat religie kwaadaardigheid aanwakkert, wordt vandaag de dag de kerkelijke opvatting in haar religieuze prediking in bijna alle religieuze landen niets ontziend gestimuleerd en vastberaden ondersteund door het wettelijk gezag, dat haar denkwijze, opvoeding, onderwijs, wetgeving, normen en waarden baseert op de zogezegd Heilige schriften.

 

 

…. Het Vishnuh-Genootschap heeft ten opzichte van dit gelegaliseerde religieuze euvel geen andere keus dan hierover haar oprechte mening te geven:

 

... Daarom zegt ze haar mening vanuit het hart en heel furieus;

 

.. Wie de schoen past trekke hem dan maar aan, maar laat vooral de veters niet zomaar staan.

 

... En wie niet gecharmeerd is met wat ze zegt, kent geen mensenliefde in het echt;

 

.. Deze hoort dan niet op aarde thuis, maar de onbestaande Hemel is vast zijn tehuis.

 

... Wie geen liefde voelt voor de natuur, voor het leven en voor zijn medemens;

 

.. moet onherroepelijk zijn God naar de Hemel volgen, zijn ultieme zielewens.

 

 

 De "Natuurvloek" gericht tot de kwaadaardige religieuze mensheid

 

 

- God en verdoemenis is alles wat de verwaande mensheid preekt;

 

- Ook hun naaste niet-gelovige moet het ontgelden;

 

- De duivel en demonen vieren hoogtij in hun hersenpan;

 

- Van de 10 geboden en naastenliefde hebben zij nooit gehoord;

 

- En zij gebruiken alleen die bijbelteksten die hen goed uitko­men;

 

- Realiteit en levenszin ontgaan hun totaal;

 

- Dom en hypocriet als zij te noemen zijn;

 

- Overal waar zij komen zaaien ze onrecht, verdriet en angst;

 

- Met de duivel en demonen maken ze argelozen murw en bang;

 

- Moed hebben zij nooit gehad, zij zijn slechts laf te noemen;

 

- En dat hun een zwaar Godsoordeel wacht van hun eigen God hoef ik ze toch niet te vertel­len?

 

 

Zo zegt de leer van Vishnuh:

 

“Wij gelo­ven niet in wat wij schrij­ven en vertel­len, maar wij schrijven en vertellen alleen maar wat wij hebben waar­genomen en waarnemen opdat de mensheid in het alge­meen zich bezint en begrijpt van dat wat vroeger ge­beurd is door toedoen van kwaadaardige mensen, in de toe­komst nimmer meer mag worden herhaald en aldus voor altoos tot het verle­den "moet" beho­ren.

 

… Geloof en Gelo­ven, hier doen wij dus niet aan, aangezien wij "NIET Heilig", noch "Hypo­criet", noch" Uitverkoren zijn door God(en).

 

... Daarnaast zijn wij evenmin "gelo­vig" noch "onge­lovig", maar wij zijn "Vish­nuïst" (lees Vishnoewist) vol­gens en volkomen geïnspireerd door de rea­listi­sche leren van het Vishnuh-G­enoo­tschap. Voorts zijn wij geen Neder­landers, Indo­nesiërs, Surinamers, Indiërs, enz., maar aardbewo­ners, dus levende wezens die ooit door aardse na­tuurkrach­ten haar ontstaan vonden.

 

... Het is dus niet relevant dat men in een gebied geboren is dat een bepaalde cultuur en naam draagt. Ieder is op aarde geboren en zijn feitelijk allen aardbewoners. Dit verschaft iedereen het recht om overal te zijn waar men dat maar ook wil op deze aardbol.

 

... Wij zijn allen rechtmatige erfgenamen van de Aarde. De Aarde behoort niet toe aan de mens, maar al wat is behoort toe aan de Natuur, en de Natuur is er voor iedereen!”

 

 

Noot:

 

Nu bijna aan het einde van dit boek draai ik “Lancar Ida-Bagus” als huidige Abt van het Vishnuh-Genootschap gewoon even de klok terug, meer zeg ik niet. Dit, omdat ik niet het recht heb om de goedgelovige mens­heid tot bezin­ning te brengen, want zuivering van godsdiensten is de taak van de kwaadaardige religieuze mens­heid zelf. De geloofszuivering is reeds tegenwoordig op grote schaal alom duidelijk merkbaar, aanschouw hiertoe hoe de vromen in wereldomvang elkaar meedogenloos afmaken in naam van hun Heiland God en namens Allah.

 

… Ik ben alleen hier om de leer van mijn stamou­ders te openba­ren en deze door te vertel­len aan mensen, die behalve alleen van lezen houden, maar ook iets willen leren van de overlevingsleren van vroegere volkeren en hun voorouders.

 

... Daarnaast ben ik ervan overtuigd dat de moderne mensheid zeker veel zal opsteken van de overlevingsleren van het eeuwenoude Vishnuh-Genootschap, dat zich in al die eeuwen van de kerkelijke wereldheerschappij zichzelf tot thans staande heeft weten te houden. Zo kan een ieder die zichzelf wenst te blijven en zijn eigen­waarde wenst te behou­den bij ons onder­steuning krijgen tot in de lengte der dagen.

 

... Het Vishnuh-Genoo­tschap beschermt, vertegenwoordigt en respec­teert ieder levend wezen als indi­vi­du en haar volgelin­gen zijn alle­maal individu­en in een nog grotere individu (= het Vishnuh-Genoo­tschap.)

 

… Het Vish­nuh-Genootschap is niet verwaand derhalve schroomt zij zich er niet voor om hulp en materiële steun te verzoeken middels het aanbieden van één of méérdere leerstoffen aan een elk die iets voor een ander over heeft. Maar als men ons toch iets wil geven, geef dan vanuit uw hart en met uw gezond verstand zonder daar­voor bijge­dach­ten te koesteren.

 

... Wij (het Vishnuh-Genootschap) weten bliksemsgoed aan wie wij werke­lijk dank of hulp verschuldigd zijn en voor wie in de toekomst uit­sluitend en alleen "geboden" en "verbo­den" zullen gaan gelden.

 

... De mens­heid heeft door de ge­schiede­nis heen almaar weer bewezen dat zij koppig en hard­leers was, en in dit opzicht is zij grotendeels nog steeds het­zelf­de geble­ven. Kijk hiertoe met een eerlijke blik naar de Europeanen, en in het bijzonder de Nederlanders en de overheid, die wel gewend zijn om met het bekende wijsvingertje naar een ander te wijzen, maar hun eigen zwartgallige hart onderzoeken, daar hebben ze het lef niet voor, laat staan dat ze er nu eens eerlijk voor gaan uitkomen wie wat heeft gedaan in het verleden.

 

... Vergeet niet dat de Europese afstammelingen in rechte lijn voltallig vertegenwoordigd zijn in de regering/ kabinet en verankerd in een besloten genootschap.

 

... En de huidige levensovertuiging van haar oirs is ver­klaarbaar als het gevolg van hon­derden jaren reli­gieuze over­wicht door hun voorouders en het resultaat van religieuze en sociale onder­druk­king, die krachtens een vast vooropge­zet pa­troon van gene­ratie op genera­tie heeft geleidt tot accepta­tie van de door de meerder­heid beleden geloofs­stelsel; het reli­gieuze trauma. Van oudsher werd religie alszoda­nig als wapen van voor­uit­gang gebruikt ter ver­rijking van de elitai­re groep.

 

… Gewoonlijk zit een ieder, die het godsgeloof actief steunt soci­aal gezien vaak goed, maar een ieder die een ander godsgeloof of levensbeschouwing aanhangt, wordt stelselma­tig onderdrukt.

 

... De ene gelovige mens is zo getroebleerd gemaakt door zijn andere (goed)gelovige mede­mens dat herhaling in de toe­komst de uit­komst zal blijven van eeuwen­lange reli­gieuze onderwerping als blijk van eeuwenlange machtsover­wicht en machtsmisbruik door kwaadaardi­ge en arrogante perso­nen. En de uitkomst van al deze onderwerpingfactoren tegader heet "onwe­tend­heid."

 

 

Zo zegt de leer van Vishnuh:

 

"Een ieder die Vishnuh (zichzelf) welgezind is, bezit ook het vermogen om een ander welgezind te zijn.

 

... Naastenlief­de is een puur menselij­ke vanzelf­sprekendheid die onder geen beding mag worden aangewend als machtsmiddel om een ander te binden aan politiek, ge­loof of kerk. "Gelo­vig" of "Ongelovig zijn" is niet ter zake doend.

 

... De mens kan elkaar ook helpen zonder daarvoor iets terug te verlan­gen. Als men iemand iets geeft met bijge­dachten kan van hieruit slechts sprake zijn van gefor­ceerde aanhanke­lijkheid.

 

... Wij willen ongedwongen iedereen lief hebben precies zoals wij ongedwongen van de natuur houden, en niet middels materialisme of door geestelijk of sociale dwang.

 

… Het is ieder in zijn eigen­waar­de laten zonder voor het gegevene voor­waarden of bepalingen te binden.

 

... En wie de naam Vishnu(h) tegenwoordig nog steeds vergod­delijkt mag gerust zijn gang blijven gaan, want zal het daadwerke­lijk wat uitmaken als wij vergoddelij­king van onze stamvaderlijke naam Vishnu(h) nadrukkelijk zouden verbie­den?

 

... De persoon Vishnuh wiens naam besloten ligt in het Hindoeïsme, was ooit gewoon een sterve­ling van vlees en bloed.

 

... Vishnuh was de stamvader van de familieclan, de Ida-Bagus, de Ida-Katoet, de Pandito’s en de Banjar-Pandé dynastie. En Familieclan behelsd een"groep mensen die zich als afkomstig van dezelf­de stamvader be­schouwd.

 

... "Wij Vishnuïsten zijn niet-godsdienstig en volgens Bijbelse interpretaties heidens, aldus geboren zondaren, maar ons goddeloos geweten gebiedt ons wel op voorhand om onze kennis te delen met medemensen, van onwillekeurig wie of welke geloofsovertuiging dan ook, die onze kennis kunnen gebruiken ter zelfbescherming tegen kwaadaardige soortgenoten.

 

... Alles wat leeft op moeder aarde heeft automa­tisch het recht verkregen om gebruik te maken van de gege­venheden van de baarlijke Natuur ter onder­steuning van het abstrac­te en het tastbare lichaam tij­dens haar aards bestaan.

 

… Vergeet nimmer dat de Natuur onze"provisiekast" en enige "bron van kennis" is, die nooit en te nimmer ver­waar­loosd noch vernie­ti­gt mag worden;

 

 - primo, omdat wij (levende we­zens) daar niet het recht toe heb­ben;

 

 - secundo, daar wij anders zullen ver­komme­ren, daar het eind­resul­taat van mense­lijke uit­bui­ting van de aardse natuur­ele­menten in zijn di­verse natuuraspecten is;

 

 - de vroegtijdige onder­gang van het menselijke ras;

 

 - het einde van alle le­vens;

 

 - het einde van de aardse na­tuur­krachten en ten­slotte "het einde van de we­reld.

 

... Dood gaan is gratis, en wanneer het individu voor haar Godsideaal of voor anderszins toch vroegtijdig wenst te verscheiden, sterf dan het liefste alleen of samen in samenspraak met gelijkgezinden, die ook hun aardse leven in een vroeg stadium wensen te ontvluchten, maar laat anderen die nog niets voor de dood voelen voor wat ze zijn.

 

... Zie hun aardse bekoring dan ook maar als Godswil, precies zoals uw ijver tot zelfopoffering ook de wil van Uw barmhartige God is!

 

... Het verre verleden is al geweest maar dit herhaald zich helaas iedere keer, omdat het verleden betrekking heeft op het heden en op het denkpatroon van de tegenwoordige religieuze mensheid.

 

… Van­daag is vandaag en de dag van morgen moet nog komen; na de dag van morgen breekt er een nieuwe dag aan; daarna volgen nog eindeloos meerdere dagen, maar vergeet echter hierbij nimmer dat elke dag even kort en even lang is.

 

… De AARDE en de NATUUR behoren ons (de mens) niet toe, maar wij levende wezens behoren onlosmakelijk toe aan de Natuur.

 

... Daarom mensen “Leef & Laat de ander ook Leven!

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Voornaam: Lucifersdoosje

 

Achternaam: Satana

 

…Het portret dat hierboven staat afgebeeld heet “Lucifersdoosje”, zo genoemd door het Vishnuh-Genootschap. Dit onderhavige portret dient hier als voorbeeld van een ongevaarlijke fantasieduivel dat ontsproten is uit de hand van een Vishnuïst. Hier poseert Lucifersdoosje als een "dressman" en niet als een bepaalde soort monster of duivel volgens religieuze interpretaties.

 

 

Zo zegt de leer van Vishnuh:

 

“De Natuur discrimineert niet, want voor deze zijn wij allen één. Ook het monster is ontsproten uit de baarlijke natuur en is niet van buiten zichtbaar, maar het monster zit meestal binnen in het wezen van de mens verborgen en is derhalve zelden herkenbaar aan uiterlijkheden. Knap, lelijk enzovoorts zijn menselijke begrippen die voor de Natuur irrelevant zijn. Alles is ontsproten uit de baarlijke natuur, alles is de natuur eigen. Maar wie de boosaardige kracht en kwaadaardigheid van een of meerdere monsters of duivels wilt ervaren moet zeker niet bij ons zijn.”

 

 

… Het Vishnuïsme is niet begaan met monsters, duivels, engelen noch spoken of iets van dien aard. Maar wie een duivel of engel wilt leren kennen moet naar de mensen toe gaan die in God, Satan en in soortgelijke dubieuze geesten en creaturen geloven. Zowaar ik zeg het u; de duivel is de broeder van de engelen precies zoals Adam en Eva bij elkaar horen.

 

… Dus, de èchte duivels c.q. engelen (= dus de religieuze mensheid) voor wie de argeloze mensheid echter zeer bevreesd zou moeten zijn, leven vandaag de dag nog steeds. Deze bemannen normaliter alsnog getrouw de banken vooraan in het "Duivelshuis" dat al eeuwenlang "Kerk, Moskee of Synagoge" word genoemd!

 

... In het algemeen zitten de meest kwaadaardige demonen dikwijls, tijdens hun gezellige kerkelijke samenkomst, met een onschuldig en ernstig gezicht hun zonden op te biechten aan de priesterlijke macht, of uit volle borst psalmen te zingen.

 

... Ook zitten ze overtuigend vroom voorovergebogen of knielend met de handen gevouwen te bidden tot hun God, maar voordat de kerkmis voorbij is hebben ze al verscheidene plannen bedacht hoe ze de volgende dag de kluit kunnen gaan bedonderen of hoe ze snel geld kunnen verdienen over de rug van nietsvermoedende medemensen, oftewel slachtoffers."

 

 

Zo zegt de leer van Vishnuh:

 

“Hoe vromer de geest, des te groter het beest!”

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

… Onthoudt enkele feiten ten opzichte van een Vishnuh aanhanger; een Vishnuïst is niet-religieus, ook kent zij geen onderscheid in ras, rang, stand, afkomst, religieuze noch politieke overtuiging.

 

... Het Vishnuïsme heeft weliswaar een uitgesproken mening over alles wat met godsdienst te maken heeft, maar discriminatie of achteruitstelling van wie of wat dan ook is in de leer van Vishnuh nergens aan de orde, dit omdat de leer van Vishnuh er van uitgaat, dat alles om haar heen door de baarlijke natuur word omvat.

 

… Het Vishnuïsme stelt, dat er van het allereerste bestaan de natuur de oorzaak is van alles, derhalve is zij niet gemachtigd om ook dan maar iets van de natuur te discrimineren, daar alles oorspronkelijk is van de baarlijke natuur. Allen zijn wij één.

 

... Het Vishnuïsme is derhalve voor ieder toegankelijk, ieder is mens. Ieder verdient een eerlijke kans om zich daadwerkelijk waar te kunnen maken als een Vishnuïst.

 

... Een Vishnuïst is een mensenvriend, die ook alles wat de natuur omvat lief heeft en voorts voortdurend op uit is om de natuur en het onschuldige wezen bescherming te bieden en deze te verdedigen in de wisselende tijdsaspecten onder alle omstandigheden, ongeacht godsgeloof en ongeloof en ongeacht grootte, veelheid of gewicht van de tegenstanders.

 

... Voorts is een Vishnuïst onverschrokken, want hij / zij is slechts voor één ding bang, dat is dat de hemel op zijn / haar hoofd valt, en dit zal nimmer gebeuren aangezien er geen Hemel noch Hel bestaat.

 

 

 

Zo zegt de leer van Vishnuh:

 

”Een Vishnuïst is iemand die een vriend is van zichzelf en automatisch een vriend van alles en van iedereen. Maar wie zichzelf niet tot vriend is kan de notie vriendschap nimmer op een ander overbrengen en net zo min beschikken over alle menselijke leeffactoren die bij vriendschap een zeer grote rol spelen. Men moet eerst een vriend zijn van zichzelf alvorens men in staat is om over te kunnen gaan tot realisatie van alle door de natuur ingegeven plichtsbetrachting ten opzichte van het leven, die de liefde voor de natuur, voor het leven en voor het alomvattende en onverwoestbare Universum behelsd. En wie alle genoemde elementen niet in zich kan vinden zal de waarde des levens niet begrijpen noch herkennen alsmede niet in staat zijn om tot realisatie van harmonie met levende wezens over te gaan.

 

... En een Vishnuïst die een grote vriend is van zichzelf is in principe een vriend van iedereen. Wie een vriend is van iedereen, zegt altijd waar het op staat, omdat het een grove misdaad is om anderen naar de mond te praten teneinde zodoende de vriendschap te behouden. Wie vriendschap wil met een ander moet ten opzichte van elkaar oprecht, loyaal en nederig zijn. Niemand is meer of minder dan een ander.” En dit is één van de vanzelfsprekende bepalingen van de natuur, leef en laat leven.”

 

Door Gurubesar: Lancar Ida-Bagus

 

 

 

 

 

gallery/vishnuh 0877
gallery/mass_boventekst-aa
gallery/580_notaris1a
gallery/561_jezusesjouwtekruis
gallery/561_jesuekruisiging
gallery/6666-001
gallery/333-1
gallery/580_hekse1aaa
gallery/580_boerderije1aaa
gallery/561_polaroid666ea
gallery/halleluja-001